Aanpassingen SSRP Criteria mei 2017

Er zijn in 6 artikelen een aantal wijzigingen doorgevoerd. Hieronder worden deze artikelen met de nodige toelichting puntsgewijs opgenoemd.
De volledige tekst van de meest recente Criteria kunt u op de pagina Criteria inzien of downloaden. In de tekst van de Criteria worden laatste wijzigingen of aanvullingen in rode kleur aangegeven.

Wat is er in Mei 2017 aangepast?

Algemene Bepalingen: Materiaal en bouwwijze van romp en opbouw (art: 4.5)

Zowel voor het lamineren als voor het behandelen van de huid en de inhouten aan binnen en buitenzijde zijn epoxypreparaten geoorloofd. Diagonaalbouw, plakhout of multiplex is voor de romp niet toegestaan.
Het aanbrengen van een zgn. Nano-folie aan de onderzijde van het schip, is niet toegestaan als zijnde een extra kunststof huidbedekking.

Algemene Bepalingen: Roer en zwaarden (art. 5)

De grootte, vorm en stand van roer en zwaarden moet in overeenstemming zijn met hetgeen eertijds bij het betreffende scheepstype gebruikelijk was. Roer en zwaarden dienen van massief hout, bij voorkeur eikenhout, uit delen te zijn opgebouwd. Zeezwaarden mogen uit één deel zijn gemaakt. Midzwaarden en kimkielen zijn niet toegestaan.
Toegevoegd: Extra verzwaring van de zwaarden door middel van gewichtstoevoeging is niet toegestaan. Voor schepen > 11. Meter geldt een gewichtsmaximum  voor het totale zwaardbeslag van zandstrook en zandloper-ijzers, van 25 kg. per zwaard. Voor kleinere schepen geldt een dergelijk maximum beslag gewicht van 15 kg. per zwaard.

Algemene Bepalingen: Blokken en lieren (art. 6.4)

Blokken dienen de bekende traditionele blokken van hout te zijn, bij voorkeur met buitenbeslag. Blokken van kunststof horen op ronde en platbodemjachten niet thuis. Het beslag van de blokken is staal, roestvast staal of brons en is gevat in hout. De houten wangen zijn minimaal even dik als de gleuf voor de schijf en dusdanig vormgegeven dat het blok een traditioneel uiterlijk heeft. Op grotere jachten met lieren mogen, waar dit vroeger gebruikelijk was, stalen blokken worden toegepast. Samengestelde constructies van platen met één of meer schijven op de mast, of in de mast ingelaten blokken, schijven en/of katrolconstructies zijn niet toegestaan. Voor alle blokken geldt dat de schijven van metaal of kunststof mogen zijn en desgewenst worden uitgevoerd met een lagering. Stropblokken zijn toegestaan, mits uitgevoerd in hout en touwwerk van natuurlijke of kunststofvezels, volgens een door het bestuur van de SSRP goedgekeurd en vastgesteld model en daaromtrent aangegeven aanwijzingen (Dyneema).

Toelichting: Op de wat grotere jachten zien we hoe langer hoe meer de moderne lichte (toegestane) stropblokken verschijnen. Eigenlijk valt dit ook niet tegen te houden; andere kunststof blokken (tufnol, epoxy etc.) zijn niet toegestaan.

Aanvullende bepalingen voor Lemsteraken; Rondhouten (art. 6.1.4)

De maximale lengte van de giek wordt bepaald door de afstand tussen een denkbeeldige lijn uit het verlengde van de achtersteven en de plaats van de lummelbout als het grootzeil is gehesen en de kraanlijn of dirk voldoende is gevierd. De minimale lengte van de giek moet gelijk of meer zijn dan 2/5e deel van de lengte van de mast bovendeks.

Toelichting: Er bestaat de neiging om het grootzeil steeds hoger en smaller te maken. De maximale hoogte van de mast is reeds vastgelegd. Het is daarom nodig om ook de minimale lengte van de giet, net als de maximale al is, vast te leggen. Het oorspronkelijke silhouet van de schepen kom dat ten goede.

Eveneens toegevoegd:

De lengte van de kluiverboom KLB - LOA, indien aanwezig, dient tenminste 19,3% van de LOA te zijn, terwijl de maximale lengte hooguit 25,5 % van de LOA mag zijn.

Toelichting: Eveneens de neiging om met een steeds grotere kluiverboom de halfwinders te voeren lijkt een trend. Vandaar dat in overleg met de ontwerpers deze waarden zijn gegenereerd, voortkomend uit de waarden binnen de bestaande vloot. Ook hier komt dit het traditionele en oorspronkelijke silhouet ten goede.

Aanvullende bepalingen voor Lemsteraken: Stoppers (art. 6.5)

Stoppers zijn alleen toegestaan op het voordek ter fixatie van de kluivernetstagen en vooraan op de giek ter fixatie van de smeerrepen. Vervalt: eveneens ter geleiding en fixatie van de vallen van de voorzeilen.

Toelichting: Op de kleinere Lemsteraken komt het bijna niet voor dat er speciaal voor de voorzeilen met stoppers op het dek wordt gewerkt. Dit deel van de bepaling kan vervallen, in tegenstelling tot de grote aken > 11m, waar dit is toegestaan.

Aanvullende bepalingen voor Lemsteraken > 11m: Stoppers (art. 6.5)

In plaats van de oude tekst: Stoppers zijn alleen toegestaan op het voordek ter fixatie van de kluivernetstagen, eveneens ter geleiding en fixatie van de vallen van de voorzeilen, en vooraan op de giek ter fixatie van de smeerrepen.
Nieuw: Op het voordek zijn ter fixatie en geleiding van de vallen van de voorzeilen, de kluivernetstagen en de smeerrepen op de giek, stoppers toegestaan.

Toelichting: Argumenten voor het gebruik van stoppers zijn: veiligheid: er hoeft niemand naar het voordek voor het hijsen van de voorzeilen, het is allemaal vanuit de kuip veel gemakkelijker te bedienen. Argumenten tegen: De vallen slijten extra snel speciaal daar waar ze door de stoppers lopen, de veiligheid wordt nu al veelal gewaarborgd doordat de mast-/tuiglieren hydraulisch bediend worden. Losmaken en druk op de knop; het wordt geen warboel van valeinden op de roef of in de kuip. Een tuiglier naast de mast is esthetisch fraaier. Voor de andere zeilen dan de voorzeilen geldt deze regel niet! 

Terug naar vorige pagina