De criteria in 2003

In het jaarverslag van 2003 staat het volgende vermeld: in het jaarverslag van 2002 is reeds melding gemaakt van het feit dat het bestuur een uitvoerige discussie heeft gevoerd over de interpretatie van artikel 4.3 van de algemene criteria, handelend over kiel, scheg en loefbijter. Op grond van deze discussie is de tekst van het onderhavige artikel ter verduidelijking uitgebreid.

Staverse jollen met rechte voorscheg

E.e.a. heeft ertoe geleid dat in februari 2003 het bestuur van de SSRP heeft besloten dat nieuw gebouwde Staverse jollen met een rechte voorscheg niet worden ingeschreven in het Stamboek. Bestaande Staverse jollen, gebouwd voor 20 februari 2003, worden nog wel ingeschreven met dien verstande dat bij het certificaat een aanhangsel wordt afgegeven met de mededeling dat de voorscheg in strijd is met de criteria. Het laatste is gebaseerd op de achterliggende gedachte 'eenmaal ingeschreven, terwijl niet wordt voldaan aan alle criteria, krijgt bij herinschrijving een aanhangsel waarin dit wordt omschreven en zusterschepen worden ook met een dergelijk aanhangsel ingeschreven'.

Zetboorden op half gedekte lemsteraken

Aan de Criteriumcommissie is een lijnenplan ter toetsing aangeboden waarop 'zetboorden' staan aangegeven die de facto onderdeel zijn van het boeisel. Het geheel is daarmee hoger dan genoemd in artikel 4.2b.7 van de aanvullende criteria voor lemsteraken. Er is echter een tegenstrijdigheid geconstateerd met de aanvullende criteria voor Visserman Jacht Aken van de Klassenorganisatie R&P. In eerste instantie waren de Criteriumcommissie en het bestuur van mening dat zetboorden die onderdeel zijn van het boeisel en hiermee hoger zijn dan aangegeven in de criteria strijdig zijn met deze criteria en dat in dat geval slechts losse zetboorden zijn toegestaan.
Inmiddels is van verschillende zijden echter aangevoerd dat er wel degelijk historische gronden zijn om de aanwezigheid van dergelijke opgelaste zetboorden toe te staan. Dit heeft aanleiding gevormd voor het bestuur tot een heroverweging. Aan de criteriumcommissie is verzocht dit onderwerp uitputtend te onderzoeken en een nieuw voorstel dienaangaande te formuleren. Naar verwachting zal begin 2004 door de Criteriumcommissie worden gerapporteerd.

Marker Rondbouw

In het verslagjaar is, voor het eerst, een jacht van het scheepstype Markerrondbouw aangemeld voor inschrijving in het Stamboek. Het betrof toevallig het eerstgebouwde schip van dit type, gebouwd in 1934 door Van Goor in Monnickendam.Het was getuigd als een botter met een losse kluiverboom en een steekmast. De eerste 12 jaar werd er op de zeilen mee gevist. In 1954 kreeg hij een 2 cilinder Kromhout motor, die er nog steeds in staat en in 1960 is er een kajuit op gezet en is hij ingericht als pleziervaartuig. Er zijn in totaal 34 van dit type vissersschepen gebouwd, waarvan nog 31 schepen rondvaren in zeer verschillende staat.

Naar aanleiding van het advies van de criteriumcommissie heeft het bestuur beslist dat het onderhavige scheeps-type voldoet aan het basiscriterium 'komt overeen met de Oud-Nederlandse Scheepstypen, die hun eindvorm hadden bereikt toen het zeil werd vervangen door de motor'. Dit betekent dat deze schepen onder de volgende voorwaarden in het Stamboek kunnen worden ingeschreven:

  1. indien ze (vrijwel) in originele staat als zeilschip rondvaren naar analogie van sommige betters, zeeschouwen en andere ronde en platbodemvaartuigen en uitsluitend gebruikt voor recreatieve doeleinden.
  2. Indien ze op verantwoorde wijze tot jacht zijn verbouwd.

Omdat er geen aanvullende criteria zijn dient de beoordeling van wat verantwoord is te worden ontleend aan paragraaf 4.4 en 4.5 van de algemene criteria.

Terug naar vorige pagina