De criteria in 2001

In het Jaarverslag van 2001 staat vermeld dat de discussie over het lamineren heeft geleid tot de conclusie, dat toepassing van deze techniek bij de bouw van traditionele houten jachten de inschrijving in categorie D van het Stamboek niet langer in de weg mag staan. De argumenten zijn dezelfde als t.a.v. de toepassing van niet-traditionele houtsoorten: in categorie D worden jachten ingeschreven die met behulp van met name genoemde moderne materialen, middelen en technieken zijn gebouwd doch overigens voldoen aan de criteria voor inschrijving in het Stamboek.

Dit laatste impliceert, dat geen onbeperkte toepassing van lamineertechnieken kan worden geaccepteerd; er dient te zijn voldaan aan de volgende voorwaarden:

  1. De toepassing van gelamineerde houtdelen mag van buitenaf niet zichtbaar zijn;
  2. Het mag niet mogelijk zijn om met behulp van een mal de huid van een jacht door middel van dunne lagen naar wens te modelleren;
  3. Toepassing van plaatmateriaal voor huid en opbouw wordt afgewezen;
  4. De dikten en het soortelijk gewicht van de samen te stellen delen moeten dezelfde zijn als gebruikelijk in de traditionele jachtbouw.

Op grond van het voorgaande is besloten, de redactie van artikel 4.5 van de Algemene criteria als volgt aan te passen:
"Bij jachten van categorie D mogen de huid en de zijkanten van de opbouw gelamineerd zijn mits ver-vaardigd uit maximaal drie lagen van dezelfde houtsoort die elk tenminste 8mm dik zijn. De richting van de houtnerf dient in alle lagen gelijk te verlopen, zoveel moge-lijk in de lengterichting van de te verlijmen delen".

De commissie adviseerde verder over opneming van een ontwerp van een replica van een z.g. scholsschuit in het Stamboek. Het onderzoek naar de historische onderouwing van dit ontwerp leverde onvoldoende gronden op voor een positief advies.

Door een jachtontwerper werd aangedrongen op het formuleren van aanvullende criteria voor de inrichting van specifiek voor het wedstrijdvaren ontworpen, half
gedekte lemsteraken. Het bestuur heeft gemeend, dit te moeten afwijzen omdat nergens in de criteria inrichtingskenmerken aan en onder dek worden genoemd. Mocht er behoefte aan bestaan dan ligt het naar het oordeel van het bestuur op de weg van de klassenorganisatie R&P-jachten van het KNWV om, op het wedstrijdvaren geënte eisen, te formuleren.

Terug naar vorige pagina