Werf Gebr. Drijver - Leeuwarden

Toen de overgang van hout naar ijzer doorzette, bleef de werf van de gebroeders Wytse en Jan Drijver de houtbouw trouw. Hun zonen volgden hen op en zetten hun kaarten op de jachtbouw. De fraaie schouwen die de werf maakte werden voortaan aangeboden als jachtjes. Hoewel de werf "Gebr. Drijver" uit Leeuwarden al lang geleden werd gesloten is de naam in Friesland en zeker in Leeuwarden nog steeds niet vergeten.

In 1808 vestigde ene Sipke Drijver, afkomstig uit Grou, zich op een bestaande werf op Schilkampen, een eilandje ten oosten van Leeuwarden. Hij noemde zich schuitmaker, hetgeen er op duidt dat hij eigen baas was waarschijnlijk nam hij een bedrijf over dat in 1590 al genoemd werd. De werf lag in het buurtschap Schilkampen, een eilandje ten oosten van Leeuwarden, dat slechts toegankelijk was via een hoge houten loopbrug. Al in de zeventiende eeuw waren hier scheepswerven gevestigd, evenals aan het Vliet, het water dat Schilkampen met de stad verbond.

De familie Drijver bleef de houtbouw trouw, de overgang naar ijzerbouw ging aan de werf voorbij. Abe, de zoon van Wytse en Johannes, de zoon van Jan, neven dus, waren hun vaders in het eerste decennium van de twintigste eeuw opgevolgd. Er werden geen beurtschepen en pramen meer gebouwd. Wel kwamen deze schepen voor onderhoud aan de werf en werden dan met de oude sleephelling drooggezet. Zachtjesaan werd overgeschakeld op jachtbouw. De schouwen, al honderden jaren als werkscheepjes gebouwd, werden nu ook als zeiljachtjes gebouwd en soms ook als motorbootjes.

Opgesplitst en weer bijeen

In 1931 gingen de neven uit elkaar. Abe bleef op de oude werf en Johannes begon voor zichzelf aan de Tijnjeweg in Leeuwarden, niet ver van de oude werf, onder de naam "Leeuwarder Jacht- en bootwerf Joh. Drijver." Al spoedig kwam de aap uit de mouw, Johannes ging ijzeren schepen bouwen! De jaren '30 van de vorige eeuw staan bekend als de crisisjaren, maar toch floreerde de kleine jachtbouw als nooit tevoren. Doordat het in de nieuwbouwsector van de ijzeren bedrijfsvaartuigen slecht ging, kwamen er veel ijzerwerkers op straat te staan. Joh. Drijver keerde in 1940 weer op het oude nest op Schilkampen terug.

Abe Drijver kreeg vooral bekendheid door zijn prachtige Friese schouwen, waarvan hij er zeker 45 tot 50 stuks heeft gebouwd. Niet alleen voor Friese afnemers, maar ook voor Holland. Zo heeft de Watersport Vereniging Loosdrecht zeker 8 schouwen afgenomen, maar ook watersportverenigingen in Leiden en Amsterdam waren klant. Zeker een van de oude schouwen van Loosdrecht bestaat nog. Het is de Meeuw, die vorig jaar geheel werd gerestaureerd door Peter Schouten in Kortenhoef.

Alle resultaten

Overzicht van schepen met een SSRP-Plaquette, gebouwd door de Gebr. Drijver

De Spiegel der Zeilvaart heeft in Februari 2014 het artikel 'De Drijvers in Leeuwarden, Familiekroniek geschreven in hout' gepubliceerd

Toen de overgang van hout naar ijzer doorzette, bleef de werf van de gebroeders Wytse en Jan Drijver de houtbouw trouw. Hun zonen volgden hen op en zetten hun kaarten op de jachtbouw. De fraaie schouwen die de werf maakte werden voortaan aangeboden als jachtjes. Hoewel de werf "Gebr. Drijver " uit Leeuwarden al 50 jaar geleden werd gesloten is de naam in Friesland en zeker in Leeuwarden nog steeds niet vergeten.
In 1808 vestigde ene Sipke Drijver, afkomstig uit Grou, zich op een bestaande werf op Schilkampen, een eilandje ten oosten van Leeuwarden. Hij noemde zich schuitmaker, hetgeen er op duidt dat hij eigen baas was - waarschijnlijk nam hij een bedrijf over dat in 1590 al genoemd werd. De werf lag in het buurtschap Schilkampen, een eilandje ten oosten van Leeuwarden, dat slechts toegankelijk was via een hoge houten loopbrug. Al in de zeventiende eeuw waren hier scheepswerven gevestigd, evenals aan het Vliet, het water dat Schilkampen met de stad verbond. Sipke werd opgevolgd door zijn zoon Jisk, die op zijn beurt weer een Sipke als zoon had. Deze wordt in 1854 als werfbaas genoemd: hij kocht in dat jaar de grond waarop de werf was gevestigd van de gemeente Leeuwarden. Sipke overleed in 1866. Zijn weduwe zet het bedrijf voort. Zij had wel 3 zonen, maar die waren kennelijk nog niet in het bedrijf opgenomen. In een advertentie in de Leeuwarder Courant vraagt zij "terstond een ongehuwde knecht" en ze biedt twee nieuwe bootjes aan. In mei 1867 werd er weer geadverteerd, nu onder de naam "Gebr. Drijver". Kennelijk waren haar zonen nu wel in het bedrijf gestapt. Er bestaat een foto uit 1905 waarop de familie Drijver te zien is.

Tot jacht verbouwd voormalig beurtscheepje op de sleephelling van Drijver
Tot jacht verbouwd voormalig beurtscheepje op de sleephelling van Drijver

De familie Drijver bleef de houtbouw trouw, de overgang naar ijzerbouw ging aan de werf voorbij. Abe, de zoon van Wytse en Johannes, de zoon van Jan, neven dus, waren hun vaders in het eerste decennium van de twintigste eeuw opgevolgd. Er werden geen beurtschepen en pramen meer gebouwd. Wel kwamen deze schepen voor onderhoud aan de werf en werden dan met de oude sleephelling drooggezet. Zachtjesaan werd overgeschakeld op jachtbouw. De schouwen, al honderden jaren als werkscheepjes gebouwd, werden nu ook als zeiljachtjes gebouwd en soms ook als motorbootjes. Maar er zouden in de komende jaren nog een paar grote ingrijpende veranderingen plaatsvinden.
In 1931 gingen de neven uit elkaar. Abe bleef op de oude werf en Johannes begon voor zich zelf aan de Tijnjeweg in Leeuwarden, niet ver van de oude werf, onder de naam "Leeuwarder jacht- en bootwerf Joh. Drijver." Al spoedig kwam de aap uit de mouw, Johannes ging ijzeren schepen bouwen! Joh. Drijver keerde in 1940 weer op het oude nest op Schilkampen terug. Neef Abe had ook niet stilgezeten op de oude werf. In 1937 werd naast het eiland Schilkampen een grote loods met twee wagenhellingen voor de winterberging gebouwd. Abe Drijver kreeg vooral bekendheid door zijn prachtige Friese schouwen, waarvan hij er zeker 45 tot 50 stuks heeft gebouwd. Zoals vermeld, keerde Johannes Drijver in 1940 terug naar Schilkampen, naar neef Abe. Hun beider vaders, de broers Wytse en Jan hadden de zaak overgedaan. In 1938 was Wytse vijftig jaar aan het bedrijf verbonden geweest. De twee neven Johannes en Abe zetten het bedrijf voort onder de naam "Scheepswerf de Nijverheid" Fa. A. & J. Drijver v.h. Gebr. Drijver. . In 1962 bestelde de KWV Loosdrecht nog 6 kleine schouwen voor haar jeugdafdeling. Een jaar later, in 1963, werd het oude bedrijf, na 155 jaar Drijver, gesloten. Het had zichzelf overleefd. Johannes Drijver was in 1954 overigens weer voor zichzelf begonnen, nu in de Nieuwe Leeuwarder Jachthaven, waar hij nog zeven jaar actief zou blijven.

pdf SdZ Maart 2014 nr02 - Werf Gebr Drijver in Schilkampen, Leeuwarden, een kroniek in hout.pdf

Terug naar vorige pagina