Zuiderzeevisserij bij de Lemmer

Dirk Huizinga

De Zuiderzeevisserij bij de Lemmer is een kortstondig, maar succesvol gebeuren geweest van 1883 tot 1933. De vissers gebruikten een nieuw scheepstype: de Lemsteraak, die ontwikkeld werd uit de traditionele Friese visaak voor het binnenwater. De afloop van de visserij ging in De Lemmer even snel als de opkomst. De snelle opkomst werd mogelijk door ondernemende hangbazen, de neergang vond plaats door ondernemende vissers die uit De Lemmer vertrokken toen de Afsluitdijk gereed kwam.
Op de Zuiderzee viste men op haring, op aal en bot en ook op spiering en garnalen. Als de haring wegtrok in het voorjaar, kwamen er regelmatig grote scholen ansjovis de Zuiderzee in zwemmen. Met dat visje wist men aanvankelijk niet goed raad. Het kon niet gerookt worden en was in verse staat slecht houdbaar. De ansjovis was lange tijd geen interessante vis om te vangen. Voor de handel was het visje alleen aantrekkelijk, als er een markt voor was. 

De Inhoud

  • Gouden jaren voor de visserij bij De Lemmer
  • Vrij vissen op zout water
  • Visserij bij De Lemmer 
  • Van doorvoerhaven naar visserijhaven
  • Lemster vissers gaven de voorkeur aan aken
  • Scheepswerven in ontwikkeling
  • Visserij met aken vanuit De Lemmer
  • Visverwerking en vishandel
  • Vette en magere jaren
  • De jaarlijkse zeilwedstrijd
  • Van de visserij naar de recreatie

Vol ongeloof keken ze terug op hun verleden, de Zuiderzeevissers van De Lemmer. Hoe was het mogelijk dat ze pas aan het einde van de 19e eeuw ontdekten dat het goud in de zee zat? Jarenlang werkten ze in het veen en visten ze op zoet water, met een vergunning, voor een karig bestaan. Nooit hadden ze toen gedacht, dat de Zuiderzee, zo vlak voor hun deur, hen ooit nog eens welvarend zou maken. Op zee werd gevist door grote vissers van de westwal en door hun concurrenten van Urk en tot 1859 van Schokland. Langs de oostwal van de Zuiderzee was de zeevisserij in die jaren een marginaal gebeuren. De kustbewoners van Friesland hadden de blik naar binnen gericht. Naar het boerenland achter de dijk, naar de vaarten voor de binnenschippers en het viswater voor de aalvissers. Die laatsten konden een goede boterham verdienen, dankzij de vishandelaren uit Gaastmeer en Heeg die de gevangen aal opkochten en later tegen goede prijzen verkochten op de Londense vismarkt Billingsgate. De visserij op de Zuiderzee met de ondiepe, gevaarlijke oostwal leek voor de kustbewoners niet aantrekkelijk. Totdat het tegendeel waar werd: Zuiderzeevisserij was een goudmijn, als je het maar op de juiste wijze aanpakte.

De auteur

Dirk Huizinga. Een schrijver die zich vooral bezighoudt met de geschiedenis van de scheepsbouw, de scheepvaart en de visserij langs de oostwal van de Zuiderzee (van Harlingen tot de IJssel) van circa 1850 tot 1960.

Uitgegeven in eigen beheer

189 pag., hardcover, geïllustreerd. Er is ook een goedkope paperbackversie in zwart/wit te verkrijgen.
Ga daarvoor naar de website van Dirk Huizinga: www.dirkhuizinga.com.

Maritieme schrijvers

Drie jaar geleden heeft Elly Meijn het initiatief genomen om een maritieme website op te zetten. Zij schrijft recensies voor de Spiegel der Zeilvaart en vertaalt maritiem getinte boeken. Haar vriend, Ron de Vos, schrijver/journalist, kreeg van verschillende schrijvers te horen dat het maritieme boek is ondergegaan in de storm van het commerciële boek. Hoe zou dit tij kunnen worden gekeerd, was de vraag die zij zich stelden. En zo werd de website Maritieme Schrijvers in het leven geroepen. Velen werden aangeschreven en tot aan nu hebben zich 33 schrijvers aangemeld, onder wie drie Belgische schrijvers.

Terug naar vorige pagina