De Tijd Zal 't Leeren

De Tijd Zal 't Leeren Niet actief

Ronde en Platbodemjachten, die binnen deze groep (Categorie Z) vallen, zijn ooit met een 9000-registratie-nummer in het Stamboek geregistreerd. Ze hebben nooit een plaquette gehad. Dit schip staat geregistreerd in Categorie Z in het Stamboek en wordt dus gekenmerkt als 'Inactief'. Wij weten op dit moment niet waar het schip zich bevindt of dat het nog bestaat. Bij een 'Actieve' inschrijving krijgt zo'n schip alsnog een plaquettenummer. Wanneer zeker is dat het schip niet meer bestaat, verhuist het naar Categorie V.

'De Tijd Zal 't Leeren' is het eerste ijzeren schip dat aan de Hollandse IJssel werd gebouwd in 1886 voor Jan Kreuk (1848-1933). Toen waren Ouderkerk a/d IJssel en Krimpen a/d IJssel de grootste schippersdorpen van Zuid-Holland. Allemaal houten zeilschepen die al vanaf 1800 vooral zand en grint vervoeren, nodig voor de woningbouw, wegenaanleg, dempen van singels, etc. Jan Kreuk geeft opdracht een paviljoentjalk te bouwen van ijzer. Dat vonden zijn vele collega's een heel riskante beslissing. Sommigen geloofden niet eens dat een ijzeren schip zou blijven drijven, anderen hadden gehoord dat in Groningen al vanaf 1880 ijzeren binnenschepen worden gebouwd, maar dat men grote moeite heeft de ijzeren huidplaten de juiste bolling te geven en dat veel klinknaden blijven lekken.

Tijdens z'n laatste reis in 1964 vaart hij langs het huis van Tideman, die kort geleden zijn vader is opgevolgd als directeur van de NV Holland, Scheepswerf en Machinehandel. Dat is de officiële naam, maar al lang worden er alleen maar schepen gesloopt.Kreuk herinnert zich, dat Tideman hem een tijd geleden heeft gezegd: 'Kreuk, wanneer je ooit je schip wil verkopen, dan moet je mij dit eens laten weten'. De volgende ochtend gaat om half acht de deurbel in het grote huis op de Veersedijk. Tideman doet open en daar staat Kreuk: 'Nou meneer het is zo ver'. Tideman begrijpt hem meteen en is wat overrompeld. Hij vraagt Kreuk binnen en rekent snel in zijn hoofd uit wat een tjalkje van die grootte voor sloop zou opbrengen en biedt Kreuk het dubbele. Kreuk accepteert dat, als hij de grijper en de fier van boord mag halen, en binnen het kwartier stapt Kreuk weer op.

Het schip is is door de Fam. Bierman na 2011 verkocht. Het schip ligt medio 2017 permanent in Wijk bij Duurstede.

 

Eigen website

Eigenschappen

Plaquette nummer:9149 Zeil nummer:
Categorie:Z Tekening nummer:
Type:Paviljoentjalk

Bouw

Bouwjaar:1886 Ontwerper:Van Duyvendijk
Werf:Van Duyvendijk Werf plaats:Ouderkerk a/d IJssel
Motor: Motor type:
Materiaal romp:Staal Materiaal kajuit:
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:17,00 m Breedte berghout:0,00 m
Diepgang:0,00 m Masthoogte water:0,00 m
Oppervlakte grootzeil:0,00 m2 Oppervlakte fok:0,00 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:0,00 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1886 – 1920 J. (Jan) Kreuk, Nieuwerkerk a.d. lJssel ( De Tijd Zal 't Leeren)
1920 – 1964 H. (Henk) Kreuk, Nieuwerkerk a.d. lJssel ( De Tijd Zal 't Leeren)
1964 – 1986 B. J. Tideman, Dordrecht ( De Tijd Zal 't Leeren)
1986 – 2011 Fam. Bierman, Warnsveld ( De Tijd Zal 't Leeren)

Geschiedenis

1901

14 maart 1901

14 maart 1901: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip De Tijd zal ‘t Leeren H138N

1932

27 januari 1932

27 januari 1932: Liggers Scheepsmetingsdienst: Details over het schip De Tijd zal ‘t Leeren GA2659N - Brandmerk 2991 B Dord 1934

1964

1964

1964: 'De Tijd Zal 't Leeren' uit de beroepsvaart en vervolgens met 4 meter ingekort

2008

16 juni 2008

16 juni 2008: Alison Heathorn uit Tasmania

The first recorded iron sailing barge appeared in the IJssel fleet in 1886. This was the paviljoentjalk of Jan Kreuk of Oudekerk. His ship was prophetically named "De Tijd zal 't Leeren", (time will tell) and Jan himself became known as "IJzeren Jan" (iron Jan). The predominant barge type employed in the dredging trade was the paviljoentjalk. In fact the paviljoentjalk as a specific barge type had its home in the southern building areas along the great rivers. The paviljoentjalk gets its name from the aftercabin, the paviljoen, where the skipper and his family made their home. The pavijoentjalken built for use as sand and gravel carrying ships tended to be fairly large, 20-24 meters in length and had straight lines with little sheer. The smaller of these ships, built in the shipyards along the IJssel and its surrounds, mostly around 40 tons and 18-20 meters in length, were arguably more gracefull in appearance, with flowing lines and a noticeable sheer. These barges earned themselves the name of IJsseltjalken. In fact, renowned for their sailing ability and graceful lines, some people even called them IJsseljachten. etc

Vriendelijke groeten van Alison Heathorn uit Tasmania

Ook zijn de volgende sites een bewijs van de historische waarde van dit schip, ik hoop dat u deze informatie
aan uw site wil toevoegen. Kijk op http://www.gemaalhaastrecht.nl/.

Antwoord van oud-eigenaar B.J. Tideman

Geachte mevrouw Heathorn, Wat een verrassing plots een vraag te krijgen over onze geliefde "De Tijd Zal 't Leeren". De huidige eigenaar, voorzover ik weet is de heer Bierman in Warnsveld. Ik kan U het volgende vertellen over de geschiedenis van het schip, waarvan U mogelijk al veel weet. Het werd gebouwd in 1886 bij Kees van Duyvendijk te Ouderkerk aan de IJssel voor Jan Kreuk, bijgenaamd "IJzeren Jan" nadat hij deze eerste ijzeren tjalk in Holland liet bouwen (zie gedenkschrift Schuttevaer, afd. Ouderkerk a.d. IJssel, 1970).
Ondergetekende kocht het schip in 1964 van Henk Kreuk, zoon van Jan; hij had er zijn hele leven mee gevaren, meest zand gebaggerd op de Merwede en dat naar Rotterdam gebracht. Hij was toen ca. 70 jaar en zijn zoon (Jan) zag de noodzaak om een groter schip te kopen. De "TIJD" moet ingeschreven zijn geweest in het register der Scheepsbewijzen onder no. 2991 B Dordt 1954. Het schip was ca. 17 m lang, met één mast en een later ingebouwde gloeikop dieselmotor. In de jaren 1965/66 verbouwde Tideman het schip tot jacht. Hij had 4 kleine kinderen en niet op de hoogte van de historische waarde van het schip liet hij er 4m tussenuit halen. Na een lijnentekening te hebben gemaakt vond hij een mogelijkheid de waterlijnen en de zeeg goed te houden Voorts plaatste hij 2 masten om de grote giek bij één mast te vermijden.
Na vele jaren varen op de Nederlandse wateren en het wad plus enkele tochten op de Oostzee verkocht ik het schip aan de heer Bierman in in 1986. We hebben natuurlijk nog vele foto's, die de fam. Bierman zeker ook zal hebben. Veel succes gewenst met Uw zoektocht. Wat is het doel? Altijd geïnteresseerd in het resultaat!
Met vriendelijke groeten, B.J.Tideman

Foto genomen omstreeks 1900 in Dordrecht
Foto genomen omstreeks 1900 in Dordrecht

2010

2010

2010: Vereniging "De Binnenvaart" 2010 nummer 2 - 'De Tijd zal t Leeren'

Zo is Tideman in juni 1964 eigenaar van De Tijd' geworden en zit nu met een probleem. Hij weet nog helemaal niet precies wat hij wil, maar al jaren eerder heeft hij een artikel uit de Waterkampioen bewaard over iemand, die een Gronings tjalkje kocht en dat had ingekort en er een aardig kitstuig op had gezet. Iets in die geest zou hij ook willen doen. 'De Tijd' is ruim 17 meter lang en 4 meter breed. Met die lengte kom je haast geen jachthaven in en wordt een zeiltuig ook veel te groot en te duur voor een gezin met 4 kleine kinderen. De enige manier om er achter te komen of het schip kor-ter gemaakt kan worden, is een goede tekening maken. Hij zegt dus tegen Piet Bakker, de schipper van de drijvende bok 'Atlas'. 'Piet, wanneer je eens wat vroeg van een karwei thuis komt, zet dan 'De Tijd Zal 't Leeren' even bij mij in de tuin' . 

 

Dat wordt snel uitgevoerd en Tideman begint met een snijbrander een aantal schotten open te maken, zodat hij een staaldraadje van voor naar achter kan spannen. Van daar uit meet hij het casco op en een aantal weekeinden wordt besteed aan het maken van een lijnentekening. Wanneer een maat ontbreekt of niet vertrouwd wordt, dan loopt hij even naar buiten om na te meten. Zo komt hij tot de conclusie dat er 4 m tussenuit kan, maar met een Z-vormige snede om zowel de waterlijnen als de zeeg goed te houden. De verhouding breedte: lengte op de waterlijn komt dan met 0,33 gelijk met wat voor Lemsteraken gebruikelijk is. Hij bekijkt natuurlijk ook hoe het vlak er uit ziet. Alle platen zijn ruim 5 mm dik en glad; alleen de vernieuwde plaat na het ongeluk met de 'Atlas' is iets geput!

Wanneer in april 1965 Scheepswerf van Vliet in Ambacht wordt benaderd of zij het schip 4 meter korter willen maken, dan kijkt men daar wel verbaasd. Zij hebben al tientallen schepen verlengd, maar er nog nooit één verkort. Een bijkomend probleem is, dat het ijzer van de Tijd niet gelast en alleen maar geklonken kan worden. In de tijd dat het schip gebouwd werd was de ijzerindustrie nog niet in staat het moderne staal te maken. Het in de 19de eeuw geproduceerde ijzer had een wat hoger percentage koolstof, was daardoor iets minder sterk en roestte ook veel minder. Maar van Vliet kan nog klinken en die vier meter wordt er zo knap tussen uit gehaald dat het niet te zien is. Wanneer de Tidemannen later rondvaren hebben ze veel bekijks; de tijd dat meer oude schepen worden opgeknapt en als 'bruine' zeilschepen varen moet nog komen. Eens liggen ze te wachten voor een sluis en een oud schippertje komt langs wandelen, kijkt naar het schip, loopt door maar komt toch weer terug En na nogmaals naar het schip te hebben gekeken vat hij moed en zegt: 'Meneer, U heeft daar een allemachtig aardig schip, maar wat heeft U er mee gedaan?'

pdf Vereniging De Binnenvaart 2010 nummer 2 - 'De Tijd zal t Leeren'.pdf

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht