De Vrouwe Christina

De Vrouwe Christina Niet actief

Dit schip heeft een plaquette van de SSRP aan boord van een eerdere inschrijving, maar staat nu "geregistreerd" in Categorie X in het Stamboek en wordt dus gekenmerkt als 'Inactief'. Schip en eigenaar zijn op dit moment NIET "actief" aangesloten bij de SSRP als Behoudsorganisatie. De huidige eigenaar is (nog) niet in onze administratie opgenomen. Deelname aan Evenementen waarbij de eis wordt gesteld, dat het schip en de eigenaar zijn aangesloten bij dezelfde Behoudsorganisatie als onderdeel van de FVEN, is vanuit de SSRP daarom NIET mogelijk.

Dit betekent dat het schip nog onderdeel is van de Aanmeldingsprocedure (her-inschrijving) of, en dat geldt voor de meeste schepen, de eigenaar heeft het schip niet her-aangemeld en betaalt dus ook geen jaarlijkse bijdrage aan de SSRP voor Inschrijving in het Stamboek. Eventueel vermelde gegevens van schip en oud-eigenaren dateren meestal uit de periode van eerdere 'actieve' Inschrijvingen en zijn waarschijnlijk niet volledig en mogelijk niet correct. Voor dit schip kan, omdat het niet aantoonbaar voldoet aan de Criteria van de SSRP, geen Meetbrief door de KNWV worden afgegeven.
Vanwege de doelstelling van de SSRP om alle historie van de in het Stamboek opgenomen schepen vast te leggen, worden in de Schepenlijst wel de in het stamboekarchief beschikbare gegevens van dit ooit geregistreerde schip en summiere gegevens van de (oud-)eigenaren getoond.
Heeft u informatie over dit schip of bent u eigenaar en wilt u het graag weer 'activeren'? Laat het ons weten!

Waarschijnlijk is dit de laatste boeier gebouwd op de naar Nieuwendam verplaatste werf het Jacht van H. Bernhard Amsterdam. Het casco kwam tot stand in 1932 en heeft ongeveer dezelfde afmetingen als de "Frans Naerebout". Het bovendeel van de romp is nog in klinkwerk uitgevoerd, de huidplaten zijn gelast. Kennelijk was het de bedoeling van de werf ervaring op te doen met de nieuwe methode om door middel van lassen ijzeren constructies tot stand te brengen. Er schijnt geen directe opdrachtgever voor deze boeier te zijn geweest, althans het casco bleef in handen van Harmen Bernhard jr.

Bij de eerste aanmelding van'de Vrouwe Christina' voor opname in het Stamboek schreef oud-eigenaar J.H. Meyer uit Heemstede, dat het casco, roer en zwaarden afkomstig zijn van Berhard in Amsterdam. De boeier is in 1962 afgebouwd door Klaassen in Voorschoten.

Eigenschappen

Plaquette nummer:202 Zeil nummer:
Categorie:X Tekening nummer:
Type:Boeier

Bouw

Bouwjaar:1938 Ontwerper:H. Bernard
Werf:Werf "Het Jacht", H. Bernhard (1938) / Klaasen (1962) Werf plaats:Amsterdam-Nieuwendam / Voorschoten
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:IJzer Materiaal kajuit:Staal
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip:Rond Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:8,87 m Breedte berghout:3,85 m
Diepgang:0,60 m Masthoogte water:13,00 m
Oppervlakte grootzeil:0,00 m2 Oppervlakte fok:0,00 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:0,00 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1962 – 1996 J.H. Meyer, Heemstede ( De Vrouwe Christina)
1996 – 1999 Erven J.H. Meyer, Heemstede ( De Vrouwe Christina)
1999 – 2004 G.G.J. van Weeghel, Hasselt ( De Vrouwe Christina)

Geschiedenis

1990

april 1990

april 1990: Spiegel der Zeilvaart 1990 april nummer 3 - Bram de Graaff bouwde model boeier 'De Vrouwe Christina'

In zijn loodgieterswerkplaats. aan een bocht van het Spaarne, bouwde Bram de Graaff zijn zevende modeljacht. Hij is er zichtbaar trots op nu een model in opdracht te mogen bouwen. En dat van een jacht dat hij als geen ander kent. Al jarenlang verzorgt hij de boeier van de heer J.H. Meijer. Het is niet alleen een bijzonder model, het is ook een schip om een kort artikel aan te wijden.
Om het model van "De Vrouwe Christina" te kunnen bouwen, vroeg Bram aan de heer Meijer of hij wist waar de originele tekeningen te vinden waren. Meijer heeft toen gezocht en kwam bij de weduwe Bernard in Nieuwendam terecht. Zij heeft toen tussen allerlei spullen gezocht die nog in het kantoor lagen en vond datgene waar ze naar uitkeken, het spantenraam, enz.

Casco ontdekt

Het was tijdens de zomerreünie van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten in 1960 in Monnickendam, dat de heer Meijer opmerkzaam werd gemaakt op een casco dat bij Stofberg in Leimuiden zou liggen. Hij weet niet hoe lang het daar heeft gelegen, maar het moet wel enige tijd geweest zijn, want toen hij er in 1960 kwam was het knap "stoffig". Hij hoorde dat de timmerman, die gewerkt had aan het interieur, overleden was en het geheel was in de werfloods blijven liggen. In het begin wilde de heer Bernard het helemaal niet verkopen. Meijer was, toen hij een punt van het dekzeil oplichtte, al "verkocht".

Eerst werd het casco naar de garage van de heer Meijer's drukkerij in Haarlem, aan de Houtmarkt, gebracht. Het was de bedoeling dat het in eigen beheer, o.m. met behulp van Bram's vader werd afgebouwd. Omdat een van de medewerkers wegens ziekte moest afhaken, werd aan Jachtwerf Klaassen gevraagd de afbouw ter hand te nemen. De motor stond inmiddels al een tijdje voor het sehip klaar. Het originele tuigplan geeft een tuigplan aan van 70 m2 Op advies van Hein Kersken sr. werd er 58 m2 van gemaakt. Hein vond dat, wanneer Meijer alleen met zijn vrouw voer, er al bij windkracht 4 gereefd zou moeten worden. Men zou dan denken "moet je die ouwe vent zien, nu al een rif steken". Meijer vergat toen helaas te zeggen dat hij graag wedstrijd wilde blijven zeilen. Nu komt hij die 12 m2 net te kort om in de voorste gelederen te blijven. Dat was hij eerder noch in zijn regenboog, noch in zijn schouw gewend. Het bleef dus toervaren.

pdf SdZ 1990 april nr03 - Bram de Graaff bouwde model boeier 'De Vrouwe Christina'

2005

2005

2005: De Boeier 'De Vrouwe Christina' in het boek "De Boeier' van Dr. Ir. J. Vermeer

Dit is voor zover wij kunnen nagaan de laatste boeier gebouwd op de naar Nieuwendam verplaatste werf. Het casco kwam tot stand in 1932 en heeft ongeveer dezelfde afmetingen als de "Frans Naerebout". Het bovendeel van de romp is nog in klinkwerk uitgevoerd, de huidplaten zijn gelast. Kennelijk was het de bedoeling van de werf ervaring op te doen met de nieuwe methode om door middel van lassen ijzeren constructies tot stand te brengen. Er schijnt geen directe opdrachtgever voor deze boeier te zijn geweest, althans het casco bleef in handen van Harmen Bernhard jr.

Winterreünie van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten in Monnickendam (1956)

Op de winterreünie van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten in Monnickendam (1956) werd de heer J.H. Meyer te Heemstede, eigenaar van een drukkerij in Haarlem, opmerkzaam gemaakt op het casco, dat zich in een loods van jachtwerf Stofberg in Leimuiden bevond. Aanvankelijk wilde de heer Bernhard het casco niet verkopen, maar zwichtte toch. Het werd uiteindelijk afgebouwd op jachtwerf Klaassen te Voorschoten en liep in 1962 onder de naam "Vrouwe Christina" te water. In plaats van het oorspronkelijke tuigplan van 70 m2 kreeg het schip een toertuig van 58 m2. De thuishaven werd de Watersportvereniging `Braassemermeer' te Roelofarendsveen. Het schip kreeg na verzoek van de heer Meyer om opneming in het Stamboek het nummer 202 toegewezen.

"Vrouwe Christina" van G.J.J. van Weeghel. Foto: G.J.J. van Weeghel
"Vrouwe Christina" van G.J.J. van Weeghel. Foto: G.J.J. van Weeghel

Na het overlijden van de heer Meyer in 1996 vererfde de boeier in 1999 aan de heer G.G.J. van Weeghel te Hasselt (0v). Deze vertelde ons dat het schip sedert omstreeks 1990 niet meer was gebruikt en opgeborgen had gelegen in een loods van jachtwerf P. de Vries te Aalsmeer. Na de boeier een opknapbeurt te hebben gegeven is het de bedoeling deze te verkopen aan een liefhebber, hetgeen tot nu toe nog niet is gelukt.

Model van de 'Vrouwe Christina'

Een aantal van de bovengenoemde bijzonderheden is ontleend aan een artikel uit 1990 in het tijdschrift Spiegel der Zeilvaart over de bouw van een model van de "Vrouwe Christina" door de modellenbouwer, de heer Bram de Graaff te Haarlem. Dit model is gebouwd van messingplaat naar het oorspronkelijke spantenraam.

Technische gegevens

Hoofdafmetingen

  • Lengte over de stevens    8,80 m
  • Grootste breedte op de berghouten    3,57 m
  • Holte op het grootspant    1,30 m
  • Diepgang    0,51 m
  • Zeiloppervlak: grootzeil + fok    64,8 m2
  • Kluiver, c.q. halfwinder    13,4 m2

Bijzonderheden    

  • kielbalk, dik 12 hoog 8 cm
  • gladboordig geklonken romp, bodem gelast
  • rond grootspant
  • snijwerk op kajuitrand, hennebalk en beretanden

Opmerkingen

De verhoudingen wijken heel weinig af van die bij de andere boeiers van Bernhard, behalve op het punt van de holte, die relatief wat kleiner is; daardoor is de zeeg forser dan bij de andere. Opmerkelijk is dat de mast bovendeks gestreken wordt met behulp van bokkepoten. Door afslijpen van de lasnaden zijn deze als zodanig uitwendig niet meer te onderkennen. De huid toont een geheel glad oppervlak.

Heeft u vragen en/of opmerkingen?

Terug naar het overzicht