EB74

EB74 Niet actief

Dit schip heeft een plaquette van de SSRP aan boord van een eerdere inschrijving, maar staat nu "geregistreerd" in Categorie X in het Stamboek en wordt dus gekenmerkt als 'Inactief'. Schip en eigenaar zijn op dit moment NIET "actief" aangesloten bij de SSRP als Behoudsorganisatie. De huidige eigenaar is (nog) niet in onze administratie opgenomen. Deelname aan Evenementen waarbij de eis wordt gesteld, dat het schip en de eigenaar zijn aangesloten bij dezelfde Behoudsorganisatie als onderdeel van de FVEN, is vanuit de SSRP daarom NIET mogelijk.

Dit betekent dat het schip nog onderdeel is van de Aanmeldingsprocedure (her-inschrijving) of, en dat geldt voor de meeste schepen, de eigenaar heeft het schip niet her-aangemeld en betaalt dus ook geen jaarlijkse bijdrage aan de SSRP voor Inschrijving in het Stamboek. Eventueel vermelde gegevens van schip en oud-eigenaren dateren meestal uit de periode van eerdere 'actieve' Inschrijvingen en zijn waarschijnlijk niet volledig en mogelijk niet correct. Voor dit schip kan, omdat het niet aantoonbaar voldoet aan de Criteria van de SSRP, geen Meetbrief door de KNWV worden afgegeven.
Vanwege de doelstelling van de SSRP om alle historie van de in het Stamboek opgenomen schepen vast te leggen, worden in de Schepenlijst wel de in het stamboekarchief beschikbare gegevens van dit ooit geregistreerde schip en summiere gegevens van de (oud-)eigenaren getoond.
Heeft u informatie over dit schip of bent u eigenaar en wilt u het graag weer 'activeren'? Laat het ons weten!

De ontwerper van de pluut EB74, Roelof Tide Oost, was een aparte figuur tussen de bouwers van houten schepen. Om te beginnen stamde hij uit een geslacht van scheepsbouwers. Eerst in Echtenerbrug, toen op Urk en tenslotte in Harderwijk, hebben opeenvolgende geslachten Oost houten schepen gebouwd. Roelof Oost echter vond een werkkring als scheepstekenaar op de ontwerpafdeling van het Departement van Marine. Wanneer dan de meeste van je familieleden op het oog schepen bouwen, is het logisch dat je als vakman-tekenaar soms wat voor hen op papier zet. Er moeten, behalve de tekening van deze pluut nog meer ontwerptekeningen van pluten bestaan, getekend door verscheidene familieleden Oost. Door uitlenen zijn die echter bijna allemaal zoekgeraakt.

Overigens was de door Roelof Oost getekende pluut in 1919 gebouwd voor... een Volendammer visserman! Bij Johannes van der Meulen in Sneek begon het pluten-verhaal met een relatie die een pluut had en daar zelf het een en andere aan wilde doen. Maar toen die pluut eenmaal binnen stond, bleek een ingrijpende restauratie noodzakelijk te zijn. Die is voor het grootste deel door de werf uitgevoerd. Tijdens die werkzaamheden zag iemand anders dat schip op de werf en raakt zo enthousiast voor het model, dat hij een pluut in opdracht gaf. Maar dan het ontwerp van Roelof Oost. Dat werd de pluut EB74, in 1987 gebouwd in ioroko. Dat is grotendeels op de klassieke manier gebeurd.

Eigenschappen

Plaquette nummer:1924 Zeil nummer:
Categorie:X Tekening nummer:
Type:Pluut

Bouw

Bouwjaar:1987 Ontwerper:Roelof (Tide) Oost
Werf:Joh. van der Meulen & zn Werf plaats:Sneek
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Iroko Materiaal kajuit:
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:9,30 m Breedte berghout:3,00 m
Diepgang:0,55 m Masthoogte water:10,20 m
Oppervlakte grootzeil:23,60 m2 Oppervlakte fok:14,70 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:13,90 m2
Oppervlakte totaal:52,20 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1987 – onbekend A. van Engelen, Kootstertille ( EB74)
1997 – 2006 H.A. Huysman en J.R. Huysman-Nammensma, Neede ( EB74)
2018 – (Eigenaar - Nu geen relatie met het Stamboek) T. de Jong ( EB74)

Geschiedenis

1987

februari 1987

februari 1987: Spiegel der Zeilvaart februari 1988 nummer 1 - De Pluut EB74 in aanbouw bij Van der Meulen Sneek

Bij het bestuderen van het lijnenplan van een pluut valt onder meer op dat de waterlijnen in het voorschip wat scherper beginnen dan bijvoorbeeld bij botter, bons en schokker het geval pleegt te zijn. De Harderwijkse pluut is een uitgesproken schip van de lage wal; bij de overheersende westelijke wind lopen de golven door de lange windbaan niet alleen hoog op, maar de ondiepe Veluwe-oever maakt ze nog eens extra steil. Om het visgbied te bereiken, moest de pluut eerste een flink eind daar tegenin varen. Daarmee is op verscheidende manieren rekening gehouden. Het boeisel valt bij de voorsteven niet naar binnen maar naar buiten, in het verlengde van de huid. Het daarop staande zetboord loopt tot de voorsteven door. Hierdoor wordt, wanneer de kop diep in een golf duikt, zoveel mogelijk water buiten boord gehouden. Zit bij schokker en botter het leeuwendeel van de waterverplaatsing in de voorste helft van het schip, bij de pluut is die veel gelijkmatiger over de gehele lengte verdeeld. De „kromme van spantoppervlakken" komt er daardoor wat moderner uit te zien - en het verloop van die kromme zegt veel over de vaareigenschappen van een schip.
Dat er toch niet méér pluten zijn gebouwd komt ten dele doordat hij ontstond in een periode, toen donkere wolken zich samenpakten boven de Zuiderzeevisserij; die zee dreigde immers IJsselmeer te gaan worden. was de pluut optimaal geschikt voor de visserij op een bepaald deel van de Zuiderzee: de zuidoosthoek.

pdf SdZ 1988 nr01 februari - De Pluut EB74 in aanbouw bij Van der Meulen Sneek

2011

23 april 2011

23 april 2011: Paas weekeinde Ter Horne

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht