Haast Noch Rust LE99

Haast Noch Rust LE99

De Lemsteraak is in 1948 tot jacht verbouwd door de Vries te Aalsmeer. Op advies van H. Kersken zijn de zwaarden toen - helaas - door een kiel vervangen  In 1978-1979 is de aak geheel gerenoveerd en zijn de zwaarden weer aangebracht. De naam was toen 'Breezand'. Wie de aak heeft gebouwd is onduidelijk. Jan Brilleman heeft als SSRP-archivaris veel onderzoek gedaan in de archieven mbt Lemsteraken. Hij geeft in de 80-ger jaren aan dat de aak zowel bij de Gebr. de Boer in Lemmer, Eeltje Holtrop van der Zee in Joure als J.J. Bos in Echtenerbrug kan zijn gebouwd. Dat waren alledrie belangrijke aken-bouwers in hun tijd. Daarnaast speelden ook nog allerlei familierelaties een rol.

De werfboeken van zowel de Gebr. de Boer als Eeltje Holtrop van der Zee zijn gelukkig bewaard gebleven. Dirk Huizinga heeft in o.a. in zijn publicatie "Lemsteraak bestaat niet" alle door de Gebr. de Boer gebouwde aken in een overzicht samengevat. In deze lijst is de 'Haast Noch Rust' niet te herleiden. Verder onderzoek heeft de huidige conclusie opgeleverd dat het schip zowel in Lemmer, maar waarschijnlijker in Echtenerbrug is gebouwd. Overigens heeft de 'Haast Noch Rust' nooit met visserijnummer LE99 gevist. Het was het nummer van de bij-boot ('Feike') van de stief-grootvader van Feike Cnossen. Het nummer LE99 werd gevoerd door de huidige 'Zeekalf'. 
In augustus 2014 heeft Dirk Huizinga geprobeerd alle vragen rond de 'Haast Noch Rust' te beantwoorden, maar zijn conslusie luidt: mogelijk is de `Haast noch Rust' helemaal niet een visaak geweest die gebouwd is op een Friese werf en is door de onderzoekers steeds gezocht in een hoek waar niets te vinden was.

Zuiderzeevisserij voor de Lemmer

In het boek "Zuiderzeevisserij voor de Lemmer" heeft Dirk Huizinga de ontwikkeling de Lemster vissersvloot en de daarbij betrokken schepen beschreven. De diverse visserijnummers komen daarbij uitgebreid aan bod. 

Eigenschappen

Plaquette nummer:1324 Zeil nummer: VB165
Categorie:D+ Tekening nummer:
Type:Lemsteraak

Bouw

Bouwjaar:1910 Ontwerper:H. de Boer
Werf:Gebr. de Boer Werf plaats:Lemmer
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Staal Materiaal kajuit:Staal
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:12,00 m Breedte berghout:4,10 m
Diepgang:1,10 m Masthoogte water:15,50 m
Oppervlakte grootzeil:0,00 m2 Oppervlakte fok:0,00 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:0,00 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Register Varend Erfgoed Nederland

Registratie nummer:706 Registratie datum:25-01-2012
Geregistreerd als:Varend Erfgoed

Dispensaties

Dispensaties Einddatum Datum nieuwe schouw
Het schip heeft een blijvende dispensatie voor het hebben van een kiel. Het schip is ooit van een kiel voorzien na een refit door Kersken. Toen zijn in eerste instantie ook de zwaarden vervallen, maar dat is later hersteld.

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1910 – 1925 J.P. Poepjes, Echten ( Zes Gebroeders LE178 (na hernummering 1911 LE78))
1925 – 1932 Jacob Bijma en Obbe Poepjes, Lemmer ( De Zuiderzee LE7)
1932 – 1948 Feike Cnossen, Echten ( De Zuiderzee LE99)
1948 – 1954 J. v.d. Ploeg, Amsterdam ( Breezand)
1954 – 1961 G.B. Gelissen (Min. Financiën), Laren (NH) ( Margeca)
onbekend – onbekend Dhr. Delsing, Amsterdam
onbekend – onbekend H. van der Sluis
1982 – 1993 J.B.A. Adriaanssen, Oudelande ( Haast Noch Rust)
1993 – Nu (laatst bekend) A. Verhoef, Zwartewaal ( Haast Noch Rust LE99)

Geschiedenis

1955

1955

1955: Registratie Lemsteraak 'Margeca' - Archief Stamboek

1980

1980

1980: SSRP Monografie nr 20 "Lemsteraken van visserman tot jacht (vervolg)"

In SSRP Monografie nr 20 "Lemsteraken van visserman tot jacht (vervolg)" staat het volgende:

Hier staan helaas meer vraagtekens dan me lief is, omdat voor de veronderstelling dat deze aak in 1906 voor de visserman Poepjes bij de Boer is gebouwd geen duidelijke bewijzen zijn gevonden. Mogelijk is dit schip als betonningsvaartuig gebruikt. Vaststaat slechts dat de aak in de vijftiger jaren toebehoorde aan een garagehouder Van der Ploeg in Amsterdam, die het schip in 1948 bij De Vries, Aalsmeer tot jacht liet verbouwen en die op advies van H. Kersken de zwaarden - helaas - door een kiel verving. De naam was toen 'Breezand'.

Omstreek 1954 verkocht aan Prof. Gelissen en daarna eigendom van de heer Delsing te Amsterdam, de heer H. van der Sluis te Drachten en thans van de heer J. Adriaansen te Oude Lande. De naam is nu "'Haast noch Rust', terwijl de voorlaatste eigenaar weer zwaarden heeft laten aanbrengen. 

SSRP Archivaris J. Brilleman te Leeuwarden tekent hierbij aan: 'Ik kon in de snij- of bestekboeken van zeilmaker de Vries te Lemmer niets vinden over een aak gebouwd bij de Boer. Wel omstreeks 1906 een aak welke gebouwd is door Auke van der Zee te Joure. Dit lijkt mij ook waarschijnlijker aangezien Poepjes familie was van Van der Zee.

Relatie Arend Poepjes en Auke Holtrop van der Zee - aanvulling Dirk Huizinga

Eeltje Holtrop van der Zee was getrouwd met Wytske Rinkema. In 1852 kregen ze een dochter: Antje van der Zee, die trouwde met Klaas Romkema. Van hun kinderen werd voor ons Eeltje Romkema bekend, geboren in 1880 en werkzaam bij Auke van der Zee. In 1884 werd Wytske Romkema geboren. Die trouwde met Arend H. Poepjes (1880-1966). Arend was als echtgenoot van Wytske een schoonzoon van Klaas Romkema, een aangetrouwde kleinzoon van EHvdZ en een aangetrouwde neef van Auke van der Zee.

Geschiedenis van de Lemsteraak 'Haast Noch Rust' in het Stamboekarchief (Versie 1)

De Lemsteraak 'Haast noch Rust' werd gebouwd in 1908 in Lemmer, bij de toenmalige werf van Gebr. De Boer als vissersvaartuig. De eerste eigenaar van dit schip was de visser Poepjes, bekend in Friesland als schaatsenrijder. Het schip is kort na de bouw (ongeveer 10 jaar) Rijks Inspectievaartuig voor de regering geworden. Na de oorlog is de aak verkocht aan de toenmalige minister van Financiën minister Geelissen. Minister Geelissen heeft het schip verkocht aan een Amsterdams bankier genaamt Delsing, die het schip op zijn beurt verkocht aan H. van der Sluis, de vorige eigenaar.
Door de jaren heen is het schip in handen geweest van mensen, die kosten noch moeite gespaard hebben, om deze aak in een perfecte staat te houden en dat is goed gelukt want het schip is in prima staat. Het schip de 'Haast noch Rust' is in 1978-79 geheel gerenoveerd. Het casco is helemaal kaal geweest en van binnen en buiten compleet gestraald (casco is 8mm staal geklonken), de moter is een in 1975 ingebouwde 80 PK Perkins diesel. Door Klaver B.V. is op en aan het schip het meest moderne 9 lagen verfsysteem toegepast, met vele jaren garantie op zowel boven als onder de waterlijn. Het hout wat in en op het schip is aangebracht is op het rondhout na allemaal teak en door één van de beste scheepstimmerlui met veel liefde en vakmanschap verwerkt. Door zijn perfecte isolatie, is het schip zomer en winter of eventueel permanent te gebruiken.

1984

19 juni 1984

19 juni 1984: Brief aan dhr. eigenaar Adriaanssen eigenaar Lemsteraak 'Haast Noch Rust' - SSRP Archivaris Jan Brilleman (versie 2)

Geachte heer Adriaanse,
Zoals afgesproken heb ik het een en ander over uw Lemsteraak uitgezocht. Volgens mijn gegevens is uw Aak in 1913 bij Gebroeders De Boer te Lemmer gebouwd en wel voor Jan de Blauw jr. Met als bijnaam op de Lemmer "Doezke". Op 1 juli 1911 is zijn oude houten Lemsteraak ingeschreven onder nummer LE65. Voor die hernummering, welke in opdracht van Ir. Lely moest worden uitgevoerd was deze onder nummer LE165 ingeschreven. De nieuwe ijzeren LE65 staat in de werfboeken ingeschreven onder nummer 25, 26, 27. De volledige bouwbeschrijving en betimmering is in mijn bezit. De langste en breedste maten kloppen niet altijd. Ik heb daar enige ervaring mee. Over het algemeen werd voor deze Aken de kop en de kant getekend en het middenstuk met daarin de buninlaten werd ongeveer naar de lengte van de afspraak afgeknipt en er tussen geklonken, daardoor is er geen enkele Aak van gelijke afmeting. Wat wel goed van maat is de afstand van de spanten.
De LE65 had als naam "De Jonge Lieuwe". Jan de Blauw sr. had 5 zoons en elke zoon bezat een Aak, een broer van Jan, Gerrit de Blauw, eigenaar van de LE67 "Noordster", gebouwd in 1911. Dhr. Huitema schrijft daar in zijn boek over.
Maar nu verder over de LE65. Jan de Blauw jr. heeft met deze Aak tot 14-11-1922 op de Zuiderzee gevist. Na boven genoemde datum is de Aak gekocht door Jan Pieter Poepjes uit Echten. Dit was een palingvisser op zoetwater en deze hadden geen visserijnummer. Later (een datum is niet bekend) is de Aak gekocht door Feike Cnossen ook te Echten. Deze heeft later wel gevist op het  
IJsselmeer. Echter nooit onder zijn eigen naam, maar onder de naam van zijn stiefvader Obbe Poepjes. Als bij-boot bezat hij de LE99, met de naam "Feike".
Feike Cnossen heeft aan het einde van de veertiger jaren de Aak verkocht aan Dhr. v/d Ploeg te Amstelveen, Schilderijen Restautateur van Professie. Deze heeft de Aak tot jacht laten verbouwen en de naam werd "Beezand".
Later is de Aak overgegaan aan Prof. Gelissen te Amsterdam, de naam werd veranderd in "Margeca". De Aak werd in 1953 in de schepenlijst ingeschreven van de Stichting Rond en Platbodemschepen.
Latere eigenaren werden Dhr. Delsing te Amsterdam en van Dhr. Sluis te Drachten.  
Uit de Snij- en Bestek boeken van M.F. de Vries te Lemmer, heb ik een fotocopie gemaakt van de 1e zeilen voor de LE65. Ik hoop dat nadat u deze gegevens hebt gelezen, de Aak nog meer voor u gaat leven. Mocht u nog meer vragen hebben, dat kunt u mij altijd bellen of schrijven.
Eén vraag heb ik aan u, mocht u een foto of drukwerk van u Aak hebben, liefst volgetuigd, dan hou ik mij aanbevolen.
U vriendelijk groetend en een goede vaart, teken ik.
Leeuwarden, 19 juni 1984
J. Brilleman

1987

21 april 1987

21 april 1987: Geschiedenis Lemsteraak Haast Noch Rust LE99 - SSRP Archivaris Jan Brilleman (versie 3)

Beste vrienden
Hier een stukje geschiedenis van de Lemsteraak "Haast nog rust". Het bouwjaar is niet 1906 maar 1910, zo ook de UK150. In 1906 werd er maar een aak gebouwd bij Gebr. de Boer en dat was de laatste houten aak. In 1910 werd bij gebr. de Boer een “vischaak”, gebouwd in opdracht van J.P. Poepjes. Het visserijnummer werd LE178 naam "Zes Gebroeders" een 43 voets aak 12.04 meter. In 1911 moesten, in opdracht van Ir. Lely, alle vissersschepen hernummerd worden om een goed inzicht te krijgen hoeveel vissersschepen er nou werkelijk op de Zuiderzee in bedrijf waren. Dit laatste i.v.m. de Zuiderzee steunwet van 1918. Het nummer werd LE78 overgeschreven 21-8-1911.
De aak werd later overgenomen door Jacob Bijma en Obbe Poepjes. Overgeschreven op 22-5-1925, visserij nummer LE7 naam "de Zuiderzee". Na afsluiting van de Zuiderzee is Feike Cnossen met de aak gaan vissen op het Tjeukemeer op paling. Na de 2e Wereld oorlog is Feike op het IJsselmeer gaan vissen, een nummer voeren was niet meer nodig (alleen op zout water). Feike voerde echter wel een nummer n.l. dat van de bijboot van zijn stief-grootvader t.w. LE99. Onder eigen naam heeft Feike met deze aak nooit gevist, altijd onder naam van zijn stiefvader Obbe Poepjes. Pas in 1949 als hij een andere aak koopt, laat hij zich daarmee inschrijven onder nummer LE99 (zie nr.31 van het boek van visserman tot jacht). Feike Cnossen was een voorkind van de wed. Cnossen die later hertrouwde met Obbe Poepjes, zij kwamen uit Delfstrahuizen gem. Lemsterland.
Feike heeft de aak verkocht aan het eind van de veertiger jaren aan J. van der Ploeg te Amsterdam (garage Overtoom. Deze heeft de aak tot jacht laten verbouwen de naam werd "Breezand".
Later is de aak overgenomen door Prof. Gelissen te Amsterdam, naam werd "Margeca". De Aak werd in 1953 in de schepenlijst van de st. Stamboek Ronde- en Platbodemjachten opgenomen. Maar doordat hij in plaats van zwaarden een korte kiel liet aan¬brengen naar ontwerp van Kersken werd hij weer doorgehaald in de schepenlijst.
Latere eigenaren werden Delsing te Amsterdam en van der Sluis te Drachten.
Tot zover mijn kennis over deze aak, mochten er nog meer of andere gegevens bij jullie bekend zijn laat mij dat dan een keer weten. Ik hoop dat jullie met deze gegevens wat uit de voeten kunnen.Verder goede vaart en tot ziens. 
Vr. groeten van,
Jan Brilleman

Hernummering van vissersschepen in 1911 - aanvulling van Dirk Huzinga

Bij de hernummering van vissersschepen in 1911 wordt meestal gezegd, dat dit moest ‘van de minister’, omdat die een betrouwbaar overzicht wilde hebben van het aantal Zuiderzeevissers. Ook Jan Brilleman volgt deze argumentatie.
De werkelijke reden is echter, dat de Zuiderzee tot kustwater werd verklaard en alle zeevissers op de Zuiderzee zich opnieuw moesten laten registreren als kustvisser. Dat zie je daarom nadrukkelijk op het consent staan. Bijkomend voordeel was het opschonen van de gemeentelijke administratie van visserijnummers, omdat gemeenten gewoon doornummerden en bijvoorbeeld Volendam meer dan 400 vissers leek te hebben, terwijl het ruim 200 waren.

2014

23 augustus 2014

23 augustus 2014: De herkomst de 'Haast Noch Rust onbekend - onderzoek Dirk Huizinga

Dirk Huizinga heeft in bijgaand document een poging gedaan de geschiedenis van de aak 'Haast Noch Rust' te achterhalen. Het is hem niet gelukt:
Als we weten van wie een schip is, wie het gebouwd heeft en wie er meestal mee vaart, vinden we dat niet de moeite waard om vast te leggen. Het behoort tot de vanzelfsprekende zaken uit het nu, uit de dagelijkse omgeving. Alleen als er gegevens formeel zijn vastgelegd in aktes, koopcontracten, gegevens van de burgerlijke stand of bedrijfsadministraties, laat een object of een mens een spoor achter dat ook in latere tijden te achterhalen is. Van veel oude schepen is de herkomst onbekend of slechts gedeeltelijk bekend en natuurlijk wil een eigenaar van een historisch schip graag de geschiedenis ervan achterhalen en vastleggen. Bij veel voormalige vissersschepen van de Zuiderzee blijkt dan, dat de werfgegevens slechts summier bewaard zijn gebleven of geheel verdwenen zijn. In de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog gingen onderzoekers daarom op zoek naar de vissers die in het begin van de 20e eeuw deze schepen gekend hebben of er zelfs mee hebben gevist. Op dit moment is die generatie vissers uitgestorven. Wel zijn veel van hun gesprekken vastgelegd of wordt door het nageslacht verteld over wat hun vaders of grootvaders hebben verteld. Wel zijn veel van hun gesprekken vastgelegd of wordt door het nageslacht verteld over wat hun vaders of grootvaders hebben verteld. Steeds gaat het om 'oral histor~', die natuurlijk zeer waardevol kan zijn, maar noodzakelijk aangevuld moet worden met meer objectieve gegevens. Het menselijk geheugen is immers veel minder betrouwbaar dan we zelf zo graag denken. Ook gaan verhalen een eigen leven leiden, zonder dat er nog getoetst wordt of een verhaal ook overeenstemt met de werkelijkheid. Een voorbeeld van zo'n moeizame zoektocht naar de geschiedenis van een voormalig vissersschip betreft het Lemsteraakjacht 'Haast noch Rust'.

In de laatste alinea van zijn onderzoek schrijft Dirk Huizinga:
Is de aak `Haast noch Rust' wellicht toch een De Boer aak van 42 voet, die tot dusverre over het hoofd is gezien?

Het kan natuurlijk zijn, dat de 'Haast noch Rust' toch bij de gebroeders De Boer is gebouwd, maar voor ons een nog onbekende aak is. Van alle ijzeren visaken van 42 voet van De Boer is alleen de 'Vrouwe Jacoba' uit 1910 voor mij een onbekende. Deze 42-voets aak werd gebouwd voor C. van Veen op Urk. De geschiedenis van dat schip is mij onbekend. Of deze aak uiteindelijk in Amsterdam bij Van der Ploeg terecht is gekomen, weet ik niet.
Conclusie: mogelijk is de `Haast noch Rust' helemaal niet een visaak geweest die gebouwd is op een Friese werf en is door de onderzoekers steeds gezocht in een hoek waar niets te vinden was.

Ik heb het onderzoekje met plezier gedaan, want het sloot aan bij veel werk uit het recente verleden. Ik had even gehoopt de ‘Haast noch Rust’ als de ‘Morgenster’ van Poepjes te kunnen ontmaskeren, maar helaas. Het is niet onmogelijk dat de ‘Haast noch Rust’ een heel andere geschiedenis heeft en nooit voor de visserij is gebruikt. Zoals bijvoorbeeld de aak ‘De Groote Beer’ (ex-Zeemeeuw) van Rootselaar, die ontworpen en gebouwd is als inspectie-aak. Maar bij onderzoek tellen ook de negatieve resultaten. Nu weten we tenminste, wat deze aak niet is geweest.

pdf Geschiedenis van de aak Haast Noch Rust Plaquette 1324.pdf

Foto's in het Stamboekarchief

21 september 2014

21 september 2014: Reactie van Ed zwart uit Amsterdam

De aak van Poepjes

Ik begrijp uit het artikel over de benaming van aken in de laatste Spiegel der Zeilvaart (nr 8), dat  het op dit moment niet bekend is waar de “aak van Poepjes, Morgenster”, zich bevindt. De afgelopen periode heb ik deze aak, die als jacht verbouwd was ('Half Moon''/'Halve Maen'), gerestaureerd en er weer een visserman van gemaakt. Hij heet nu weer LE104. Het is de eerste 'Morgenster' van Poepjes, gebouwd in 1905 door Auke van der Zee.
De tweede Morgenster (uit 1917), is verbouwd tot jacht en wordt nu vanuit Enkhuizen voor de charter verhuurd. Deze aak heet ook nu nog 'Morgenster'.
De LE104 is in 1917 verkocht om als viskoper te dienen voor de palingaken uit Heeg. Hij heette toen 'Harmonie'. Ik heb mijn aak nu ook weer 'Harmonie' gedoopt.

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht