Nemo

Nemo

Dr. Ir. J. Vermeer schrijft in zijn boek "Tjotters en Boatsjes":
In de schepenlijst van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten is deze tjotter vermeld vanaf het jaar 1963; vanaf 1980 is daar Lantinga te IJlst met bouwjaar 1890 aan toegevoegd. Dat Lolke Lantinga de bouwer zou kunnen zijn lijkt niet onmogelijk, gelet op de bouwwijze. Het bouwjaar echter blijft zonder nadere kennis van de historie een slag in de lucht. En juist van de historie van deze tjotter is maar heel weinig bekend.

Zij duikt voor het eerst op in correspondentie uit 1960 tussen de werfbaas P. Dekker te Kortenhoef en de secretaris van de Stichting Stamboek Ronde en- Platbodemjachten. Omdat we van de eerdere historie niets weten, blijven het bouwjaar en de opdrachtgever (voorlopig) onbekend.

Op de oceaan bij Bretagne in 2015
Op de oceaan bij Bretagne in 2015

Onderzoek naar het verleden

Ten tijde van het uitkomen van het boek van Vermeer was er inderdaad nog weinig bekend over de geschiedenis van de tjotter. Door uitgebreid onderzoek en een paar toevallige ontmoetingen is op dit moment de geschiedenis aardig in kaart gebracht. Over het bouwjaar bestaat nog verschil van mening. Dat is mede te wijten aan het feit dat de volledige werfboeken van Lantinga niet meer bestaan.

Eigen website

Eigenschappen

Plaquette nummer:463 Zeil nummer: RE128
Categorie:A Tekening nummer:
Type:Tjotter

Bouw

Bouwjaar:1890 / 1908 Ontwerper:L. Lantinga
Werf:L. Lantinga Werf plaats:IJlst
Motor:Inbouw Motor type:Farymann 7 pk
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:
Materiaal zeil:Katoen
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:4,98 m Breedte berghout:2,50 m
Diepgang:0,40 m Masthoogte water:9,00 m
Oppervlakte grootzeil:18,50 m2 Oppervlakte fok:10,00 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:28,50 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1890 / 1908 – 1919 A. Faber, Langweer ( Nemo)
1919 – 1926 J. Roozenbeek, Nijehaske ( Nemo)
1926 – 1938 P. Dikhoff ( Nemo)
1938 – onbekend Broer van P. Dikhoff, Leeuwarden ( Nemo)
1959 – 1965 Piet Dekker, Kortenhoef ( Boekanier)
1965 – 1967 W.H.J.A. Croon, Heemstede ( Boekanier)
1967 – 1997 J.M. Hesmerg ( Anna Frederika)
1997 – 2001 E.R.J. Hulskers ( Anna Frederika)
2001 – 2016 J.A. Eissens, Groningen ( Eyseend)
2016 – Nu (laatst bekend) J.F. Egtberts, Nieuwkoop ( Nemo)

Geschiedenis

1908

1908

1908: Tjotter met naam Nemo (hoogstwaarschijnlijk) gebouwd in 1908 (het jaartal 1890 duikt later op zonder bronvermelding)

Anne Faber vestigde zich in 1906 als notaris in Langweer. Hij is afkomstig uit Beetsterswaag, waar zijn grootvader, vader en broer een smidse hadden. De naam Faber wijst ook op die activiteit. Na zijn diploma’s voor het notariaat behaald te hebben werd Anne kandidaat in Vlissingen. Hij huwde met Betje Dijkstra uit Ureterp, die aan TBC overleed en later in tweede echt met Akke Fortuin, een telg van de bekende familie van tabaksfabrikanten en hardzeilers, die aan het Kleinzand in Sneek woonden. In het Langweer van begin 20e eeuw kreeg hij de bijnaam het “ Lytse Smidsjonkje “ mede ingegeven door zijn kleine gestalte.

In de periode 1906 – 1932 waren Anne Faber, diens zoon Gerard en zijn vriend Jan Dijkstra bekende en succesvolle hardzeilers op de Friese wedstrijdbanen. Hun schepen waren de fjouwerfjouwer Emden, vernoemd naar de Duitse Pfanzerkreuzer Emden, een bekende raider uit de eerste wereldoorlog. Na 1908 volgde de nieuwgebouwde fjouweracht Nemo, genoemd naar Jules Vernes kapitein. Eerder won de bekende Langweerder T.S. van der Leij vele prijzen in een 4.4 tjotter met dezelfde naam. Wellicht is deze boot later omgedoopt in Emden en werd de naam Nemo overgebracht op de nieuwe 4.8 tjotter.
In 1918 koopt notaris Faber de boeier Standfries van A. Wegener Sleeswijk, waarin hij tot 1932 wedstrijden vaart.

De grote wedstrijdtjotter Nemo werd door notaris Faber – samen met de Langweerder huisarts A.S. Wijna - in 1908 nieuw in IJlst gekocht. Het betreft vrijwel zeker de extra brede boot, die Lolke Lantinga in het late najaar van 1907  “ te koop “ maakte. Het thans nog bestaande schip heeft dan ook de zelfde opbouw van gangen als de smallere tjotter “ Vrouwe Anna Beatrijs “ (ex Snoek ) en vertoont in vorm grote gelijkenis met de jachten 'Nut en Nocht' en 'Zwaluw ( ex Peep)'.

In de jaren 1908 – 1920 streed de Nemo in dergelijke – voor die tijd – grote wedstrijdvelden met ondermeer:
De Jonge Minne, de Aleide Anna, de Albert en Nelly, de Twa Sisters, de Triton/Allegretto en de Jonge Dirk van Van der Zee. Van Hiemstra vinden we de Argo, de Swael en de Jonge Minne/Sperwer terug. Van Lantinga de Snoek, de Zwaluw, de Fly, de Viking, de Bernhard, de Meerkol en de Nemo. De Jong is vertegenwoordigd met de Pallieter en de Henriette Albertina en Van der Werf(f) uit Buitenstverlaat en Britswerd met de Juliana, de Kromwal, de Aspirant, de Sperwer, de Rival en de Nijverheid.

Gerard en Anne Faber verwierven zich met de Nemo qua prijzen een plaats in de sub top van deze wedstrijdvelden na de onaantastbare Vrolijk.

De Nemo van Anne Faber varend met een rif in de zeilen (Collectie Verbeek)
De Nemo van Anne Faber varend met een rif in de zeilen (Collectie Verbeek)

1919

1919

1919: Start periode eigenaar J. Roozenbeek Oudehaske

De tjotter Nemo werd in 1919 verkocht aan J. Roozenbeek te Nijehaske bij Heerenveen, die wij tegenkomen op de wedstrijdlijsten en in het Nederlands Jachtregister van 1925. In het jachtregister staat ook een Eagle hulpmotor vermeld. Dezelfde motor zien wij ook op een verzekeringspolis uit 1926 van de Onderlinge Woudsend, getekend door A.H. Tromp zelf,  voor een zeilboot  genaamd Nemo van Piet Dikhoff en zijn echtgenote Elisabeth Kempes te Heerenveen. De verzekerde som van f 1000,- geeft aan dat de boot in goede conditie was. In een advertentie in 1925 wordt vermeld dat ze in 1919 van een een nieuwe huid onder het berghout voorzien).

1924

1925

1925

1925: Tjotter Nemo te koop

1926

1926

1926: Start periode eigenaar P. Dikhoff

Dikhoff – eigenaar van een electriciteitszaak – bezat van 1926 tot 1938 de tjotter, die wij terugvinden in een fantastisch fotoalbum van de familie Kempes. Naar zeggen van diens, helaas inmiddels overleden, nakomeling Jan van Veen, werd de boot net voor de tweede wereldoorlog verkocht aan een broer van Dikhoff  te Leeuwarden.

1959

1959

1959: Start periode eigenaar Piet Dekker Kortenhoef

De Boekanier

Piet Dekker schrijft dat hij de tjotter met de naam 'Boekanier' in zeer verwaarloosde toestand in 1959 heeft gekocht en dat hij zich voorneemt haar in de komende jaren geleidelijk te herstellen. 

Toen Piet Dekker uit Kortenhoef de toen naamloze tjotter in 1959 vond, mistte er veel en was er veel kapot. De boot lag al tijden in gezonken toestand bij het bedrijf van de Gebr. Serry bij de Loosdrechtse plassen. Piet had met de aankoop, hij betaalde er fl.150,- voor, de bedoeling de tjotter weer in de vaart te brengen en er zelf veel plezier van de hebben. Piet woonde in die tijd op een tjalk in Kortenhoef en vertimmerde en restaureerde van daar uit oude schepen, zoals botters en aken.
Er is in 1959 veel aan de tjotter gedaan om de boot weer vaarklaar te krijgen. Een aantal onderdelen heeft Piet nieuw gemaakt, een aantal zijn verzameld zoals een deel van de blokken. Piet noemde de naamloze tjotter 'Boekanier'. Deze naam werd op het spinnegatdeksel gezet. Helaas is dit deksel bij de restauratie op de werf van Joh. van der Meulen in 1970 vervangen en verdwenen.

Een nieuwe bedelbalk, zeer fraai gesneden door een getalenteerde buurman-kunstenaar, werd geplaatst. Ook aan het roer moest wat worden gedaan. De bovenkant mistte geheel. Een nieuwe hemstok was makkelijk te vinden en de plaatsen.

Voor de klik werd een originele oplossing bedacht. De kunstenaar kreeg de opdracht een fraaie, brede klik te snijden (met eenden, hoe toepasselijk naar later bleek), die het gat in de helmstok volledig kon afdekken. Deze klik is in 2003 teruggeplaatst op het roer. Piet heeft de tjotter een jaar of vijf in bezit gehad. Hij vertelde dat hij regelmatig nieuwe schepen tegenkwam om als eigen plezierboot te dienen. De bestaande werd dan verkocht en de nieuwe weer opgeknapt en daar werd weer een tijd mee gevaren.

1965

1965

1965: Start periode eigenaar W.H.J.A. Croon Heemstede

Vijf jaar later echter blijkt de 'Boekanier' eigendom te zijn geworden van W. Croon te Heemstede; zij krijgt de stamboekplaquette met het nummer 436. Weer twee jaar later schaft de heer Croon zich het tot boeier verbouwde Friese jacht 'Hou Moed' aan en verkoopt de tjotter 'Boekanier' aan de heer J.M. Hesmerg, eveneens woonachtig te Heemstede.

De heer Croon heeft over de huid een plastic doek laten plakken om de huid dicht te houden. De boot had ook stagen.

1967

1967

1967: Start periode egenaar J.M. Hesmerg Heemstede

Nieuwe naam 'Anna Frederika'

De heer Hesmerg, eertijds concertmeester in het Noordhollands Orkest, is op een grappige manier aan de tjotter gekomen, namelijk door een briefje op het prikbord in de winkel van Albert Heijn in Heemstede. Daags nadat mevrouw Croon dit had aangebracht las hij de mededeling dat de familie Croon haar tjotter wilde verkopen; dezelfde dag was de koop reeds beklonken. De naam werd veranderd in 'Anna Frederika'. In het jaar 1969 ondergaat de tjotter een grondige restauratie op de jachtwerf Van der Meulen in Sneek. Volgens werfbaas Tjeerd van der Meulen zou zij naar de bouwwijze te oordelen op de werf van Lantinga te IJlst moeten zijn gebouwd; deze mening was ook Heit Piersma van de jeugdherberg It Beaken toegedaan. Bij deze restauratie werd nieuw houtsnijwerk aangebracht.

Op een foto van voor de restauratie is te zien, dat dit op de boeisels en de roerkop, maar in het bijzonder op bedel- en hennebalk afwijkt van het oorspronkelijke. Deze foto laat ook zien, dat de botteloef vroeger, door kettingen werd gesteund.  De heer Hesmerg nam in de jaren 1978 en 1979 deel aan de Regionale Friese Reünie; in laatstgenoemd jaar maakte hij deel uit van het eskader tjotters dat de stamboekprijs bij het admiraalzeilen behaalde onder leiding van 'De Jonge Minne' van de heer EG. Duyvis.

1970

1970

1970: Volledige restauratie door van der Meulen in Sneek

In 1970 heeft van der Meulen in Sneek in opdracht van de heer Hesmerg de tjotter volledig gerestaureerd, waarbij diverse originele details verloren gaan zoals hennebalk en biezen en snijwerk op de boeisels. In de scheg is duidelijk het gat van de vroegere schroefas te zien. De huidgangen zijn op de oude spanten bevestigd, voordat deze ook voor een deel werden vervangen. Het model is zeker authentiek. De tjotter krijgt bij de restauratie ook een vast voordek van teakdelen. De naam wordt 'Anna Frederika' (de naam van de echtgenote van de heer Hesmerg).

1996

1996

1996: In het schiphuis in Ter Horne

1997

1997

1997: Start periode eigenaar E.R.J. Hulskers Oranjewoud

Toen Reinold Hulskers de tjotter in 1997 kocht, was er de jaren daarvoor al weinig meer mee gevaren. De heer Hesmerg was op leeftijd gekomen en kon niet meer zelfstandig naar zijn boot toe, die al jaren in een schiphuis in Ter Horne lag. Zijn dochter bracht hem nog wel eens een dagje naar de tjotter, maar van varen kwam het eigenlijk niet meer, laat staan van normaal onderhoud.

In 2000 bleek het zeilwerk zo slecht dat Reinold de tjotter naar Joh. van der Meulen bracht waar mastvoet en mastwangen compleet werden vervangen inclusief de spanten een een deel van de bodem waar deze aan bevestigd zijn. Helaas zijn hier geen foto's van beschikbaar. Het zwaar verwaarloosde boeisel en de verrotte zwaardklampen zijn toen helaas niet onder handen genomen.

In 2001 besluit de Hulskers de tjotter weer te verkopen.

2001

21 november 2001

21 november 2001: Start periode eigenaar J.A. Eissens Noordlaren/Groningen

Nieuwe informatie over de tjotter komt boven water (?)

In de schepenlijst van het Stamboek staat de Eyseend vermeld met als bouwjaar 1890. Zoals ook Dr. Ir. J. Vermeer in zijn standaardwerk aangeeft is dit jaartal onwaarschijnlijk en onbewezen. Hoewel een zo lange geschiedenis en mondelinge overlevering altijd ruimte voor twijfel zullen laten, geven primaire documenten en foto’s een duidelijke indicatie, dat wij het hier steeds over de zelfde Lantinga boot van 1907 hebben met de zeldzame breedtemaat van 2,45 meter. Het is ook zeker niet de oudere Nemo van T.S. van der Leij uit Langweer. Dat was immers een 4.4 boatsje.

Nieuwe naam 'Eyseend'

Na de koop hebben wij de tjotter Eyseend naar Pier Piersma gebracht om een motor in te laten bouwen en de tjotter aan te passen aan de manier waarop wij met haar wilden gaan varen. De keuze van de motor viel op een Farymann dieseltje van 7 pk. Sterk genoeg om de tjotter - indien nodig - overal te brengen en klein en licht genoeg om niet teveel storende plaats in de kuip in te nemen. De motor functioneert probleemloos. Aardig is het feit dat de motor op dezelfde plaats staat als de 'Eagle' een kleine honderd jaar geleden. De motor is door Eeuwe de Jong in Heeg netjes ingebouwd.

Bij Piersma is daarna een motorkist gemaakt die niet boven de mastbank uitkomt. Aan de scheg moesten kleine aanpassingen worden gemaakt. Verder is er aan stuurboord onder de bank een lade gemaakt voor de kleine spullen en aan bakboord is een uittrekbaar kooktoestel gekomen. We kunnen nu op met en op de tjotter, onder de dektent kamperen. De bagage kan droog onder het voordek worden gepakt op passende vlonders.

Na de prima ervaringen eerder met de 'Aukje', hebben we zeilmaker Jan Miedema in Heeg gevraagd een passende dektent te maken. Het resultaat mag er zijn.

Zelf hebben we het boeisel helemaal kaal gehaald en geschilderd. Donkergroen met twee rode biezen. De derde is helaas bij de restauratie in 1970 verdwenen. De hele boot heeft verder binnen en buiten een uitgebreide schoonmaak en schilderbeurt gehad Na geduldig oefenen hebben we het ook aangedurfd om alle snijwerk zelf opnieuw te vergulden. 

2002

8 mei 2002

8 mei 2002: Nieuwe ligplaats Noordlaren aan het Zuidlaardermeer

Dinsdag 8 mei 2002 was het zover dat de tjotter weer te water ging en wij hemelvaartsdag 10 mei de reis naar Noordlaren konden aanvaarden. Vrijdagnamiddag 11 mei lag de 'Eyseend' op haar definitieve ligplaats in het haventje van Noordlaren. Na een seizoen varen op het Zuidlaardermeer met daarin de eerste deelname aan de Regionale Friese reunie in Heeg, kwam de tjotter achter in de eigen tuin in de 'winterberging' te staan. Een ideale situatie om de hele winter de nodige aandacht te besteden zodat de tjotter in 2002 weer perfect te water gelaten kon worden.

Ook werd de tjotter (weer) opgenomen in het Register Varende Monumenten.

2003

2003

2003: De 'oude' klik teruggevonden en Delfsail

2004

2004

2004: De Eyseend in de Waterkampioen

2005

2005

2005: Jubileumrunie SSRP met Koningin Beatrix op de Groene Draeck als Admiraal

2012

2012

2012: Winterberging bij Wind&Water in Heeg: groot onderhoud en toekomstklaar

De tjotter is te koop

Na 10 jaar heel veel vaarplezier en grote tochten met de tjotter, verhuisde het gezin Eissens van Noordlaren naar Groningen. Ligplaats en Winterberging aan het Zuidlaardermeer werden daarbij ook opgegeven. Toen viel het besluit om de tjotter te verkopen.

2014

augustus 2014

augustus 2014: De 'Eyseend' doet mee aan 't Skouspul in Sneek

2015

11 mei 2015

11 mei 2015: Met de tjotter 'Eyseend' naar La semaine du Golfe 2015

Jack en Karin van den Berg-Timmer uit Heeg (Jack is voorzitter van de Stichting Friese Tjottervloot), Pien Groenewegen en Eling Dijkstra uit Balk hebben van 11 tm 17 mei met de grote tjotter 'Eyseend' meegedaan aan de 8e editie van La Semaine du Golfe du Morbihan. Ze waren op eigen verzoek ingedeeld in flottielje nr 7. In dit flottielje deed Maarten Vermeulen ook mee met zijn kleine tjotter 'Amalia'.  Tijdens het evenement wordt er ook wedstrijd gevaren, maar daaraan hebben de tjotters niet meegedaan. Contact met de andere deelnemende schepen heb je dagelijks tijdens het palaver, uiteraard als je dat wilt. Frans verstaan en praten is niet een voorwaarde maar wel een voordeel. Karin en Pien hadden daar geen problemen mee. Van de belevenissen met de 'Eyseend' heeft Jack een uitgebreid verslag gemaakt. De foto's zijn van hem en Maarten Vermeulen.

In 2013 hebben wij met de 10 tjotters en het Friese jacht van de Stichting Friese Tjottervloot deelgenomen aan het evenement Semaine du Golfe 2013. Een groot succes. In 2015 wilde ik weer naar dit tweejaarlijkse evenement, maar nu alleen met mijn vrouw en 2 vrienden, zonder het voorbereidend werk en de verantwoordelijkheid over 11 schepen en deelnemers. Onze tjotters, de tjotters van de Stichting Friese Tjottervloot, vind ik voor vier volwassenen en zonder motor te klein en te kwetsbaar. Jan en Rita Eissens boden hun 'Eyseend' aan voor dit nieuwe avontuur. Deze stoere tjotter is door haar constructie en afmetingen robuuster en heeft een binnenboordmotor. Het werd een groot succes. De boot bleek prima te varen op het grote meer: “zeewaardig” en comfortabel voor vier personen. 

Lees het hele verhaal van de prachtige belevenissen van Jack van den Berg met vrouw en vrienden met de 'Eyseend' in de Golfe du Morbihan.

26 oktober 2015

26 oktober 2015: Oktober 2015: De zomer is voorbij

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht