Schobber

Schobber Niet actief

Dit schip heeft een plaquette van de SSRP aan boord van een eerdere inschrijving, maar staat nu "geregistreerd" in Categorie X in het Stamboek en wordt dus gekenmerkt als 'Inactief'. Schip en eigenaar zijn op dit moment NIET "actief" aangesloten bij de SSRP als Behoudsorganisatie. De huidige eigenaar is (nog) niet in onze administratie opgenomen. Deelname aan Evenementen waarbij de eis wordt gesteld, dat het schip en de eigenaar zijn aangesloten bij dezelfde Behoudsorganisatie als onderdeel van de FVEN, is vanuit de SSRP daarom NIET mogelijk.

Dit betekent dat het schip nog onderdeel is van de Aanmeldingsprocedure (her-inschrijving) of, en dat geldt voor de meeste schepen, de eigenaar heeft het schip niet her-aangemeld en betaalt dus ook geen jaarlijkse bijdrage aan de SSRP voor Inschrijving in het Stamboek. Eventueel vermelde gegevens van schip en oud-eigenaren dateren meestal uit de periode van eerdere 'actieve' Inschrijvingen en zijn waarschijnlijk niet volledig en mogelijk niet correct. Voor dit schip kan, omdat het niet aantoonbaar voldoet aan de Criteria van de SSRP, geen Meetbrief door de KNWV worden afgegeven.
Vanwege de doelstelling van de SSRP om alle historie van de in het Stamboek opgenomen schepen vast te leggen, worden in de Schepenlijst wel de in het stamboekarchief beschikbare gegevens van dit ooit geregistreerde schip en summiere gegevens van de (oud-)eigenaren getoond.
Heeft u informatie over dit schip of bent u eigenaar en wilt u het graag weer 'activeren'? Laat het ons weten!

Zeeschouwen zijn op veel plaatsen gebouwd. Dat gebeurde ook al in de tijd van de visserij. De houten botters en andere scheepstypes werden vervangen door schouwen, handzamer en goedkoper. Volgens overlevering heeft de regering Colijn voor de tweede wereldoorlog in de crisisjaren de vissers op en aan het IJsselmeer steun verleend. In die tijd zijn door verschillende werven een aantal zgn. Hoornse schouwen gebouwd, waarvan er nu nog steeds een aantal bestaan. Eeen oude tekening van een Hoornse schouw heeft als voorbeeld gediend voor de 'Schobber'. De oude tekening betrof een 8-meter schouw. De tekening is 'opgerekt' tot de 10.50m van deze Zeeschouw.

De tekening van de Hoornse schouw Janna, ex HN7
De tekening van de Hoornse schouw Janna, ex HN7

De tekening is afkomstig uit ons archief. De Hoornse schouw 'Vrouwe Jannie' is gebouwd in 1921. In 1977 was het schip eigendom van J.H. Keijzer te Hasselt. Enige onzekerheid bestaat er over de lengte van het schip. 13 meter is uitzonderlijk lang voor een schouw. Het gaat over een voormalige visserschip uit Hoorn NH. De lengte stond echter niet in de visserijregistratie (open schouw). Volgens informatie uit Hoorn was het echter niet zo'n groot schip. Het vermoeden is dat er met betrekking tot de lengte er een fout in is geslopen. De lengte is waarschijnlijk in "ellen" opgegeven! 13 el betekent 13 x 69 cm = een kleine 9 meter. Die 13 m is dus waarschijnlijk een schrijf-/leesfout geweest: " L.13" of misschien wel "13 L." is gelezen als 13 meter lengte. De verhouding patrijspoorten en ook de lengte van het roer, en de dikte van de mast geven bij berekening ongeveer eenzelfde uitkomst. 

Eigenschappen

Plaquette nummer:1205 Zeil nummer: ZC354
Categorie:X Tekening nummer:
Type:Zeeschouw

Bouw

Bouwjaar:1978 Ontwerper:G. van Schaik Zillesen (tekening via Eduard & Co. Amsterdam)
Werf:Eigen bouw H.K. Haftka Werf plaats:Hellevoetsluis
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Staal Materiaal kajuit:Staal
Materiaal zeil:Katoen
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:10,50 m Breedte berghout:3,70 m
Diepgang:0,85 m Masthoogte water:12,75 m
Oppervlakte grootzeil:32,50 m2 Oppervlakte fok:15,40 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:10,80 m2
Oppervlakte totaal:58,70 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1978 – 2017 H.K. Haftka, Melissant ( Schobber)

Geschiedenis

1982

1982

1982: Visserij met Hoornse Schouwen in het boek Van Staand en Gaand Want van Peter Dorleijn

Peter Dorleijn beschrijft in Deel I van de serie boeken Van Staand en Gaand Want ook de visserij met de 'Hoornse Schouwen':

In de jaren twintig verdwijnen veel botters weer uit Hoorn en worden vervangen door schouwen. Over het hoe en waarom van deze ontwikkeling kon ik het navolgende achterhalen. Klaas Blokker: 'Omstreeks 1915 werd 't zo slecht in de visserij, je kon zowat geen personeel krijgen en de vis bracht niks op: 7 à 8 cent voor een pond bot en dan ving je gemiddeld 40 à 50 pond. Dat was overal zo: de Enkhuizers gingen naar de veiling in Bovenkarspel. Daar­om heeft vader toen drie jaar alleen om bot gevist met 't ouwe bottertje. Die houten schepen hielden de mensen ook arm, ze waren veel te duur in onderhoud, je bracht alles naar de hellingbaas. Er kwamen toen schouwen, die waren wat handzamer, je hoefde met de haring en ansjovis geen vlet meer te hebben dat je kon 't met twee man af. (Marker knechts kreeg je later ook slecht meer). Dat met die schou­wen is in de Lemmer begonnen.'

Klaas Bart kan dit laatste aanvullen: 'Ik weet dat de eerste schouw hier kwam, ik voer nog bij Kriek ( ± 1911); 't was een overijzerde, groen geverfde schouw en de schip­per, ene Wolda, had hem in Friesland gekocht. De andere visserlui zeiden "Wat zal daar nou van terecht komen?" Maar alstemet kwam er een bij in de loop van de tijd; eerst waren 't houten schouwen. De meeste zijn wel gekomen toen ik al uit de visserij was, dus na 1921.'

Uit een verslag over de opening van de Vluchthaven in mei 1913 (V.C. 10-5-1913) blijkt dat er op dat moment tenminste twee schouwen in Hoorn waren. Tijdens de voor deze gelegenheid georganiseerde zeilwedstrijd won in de klasse 'kleine botters' J. Raijer met de schouw HN 53 de eerste prijs en A. Wolda (HN 11) de tweede.

Klaas Blokker: 'Vader kocht toen eerst een houten schouw uit Durgerdam vandaan maar dat was een "om­val" [niet stabiel]. In 1916 heeft hij toen bij Jaap Heyman in Enkhuizen een ijzeren schouw besteld. Die heeft er toen vier gemaakt: de Mantels uit Wijdenes hadden er één, de vader van Jouke Volgers 5), één voor Marken en wij dan (die van ons werd later HL 6 en vaart nog). Die schouwtjes waren van een wat vlakker model, ± 8 meter lang en kos­ten toen f 1.000,—. In 1931 hebben we er een (hulp)mo­tortje in laten zetten: een ééncilinder 6 pk Bolinder (benzi­ne). De eerste motortjes hier waren in 1929 voor Homan (HN 11) en Dirk Eilander (HN 6), ze kosten toen f 1.050,— nieuw.

Later gingen ze hier praktisch allemaal over op schou­wen; eerst van zo'n 8 meter lengte, later weer groter 9, 10 en 11 meter. Van toen af aan ging je als visserman zachtje­saan vooruit: je kreeg weer wat meer voor de vis en je had weinig onkosten.'

Het ligt voor de hand dat aan de schepen die men zelf in de loop der tijd in bezit gehad of bevaren heeft, speciale herinneringen bewaard worden. Zo vertelt Klaas Bart: "t Langst heb ik gevaren op de HN 38 van Piet Oensen, hij had 'm nieuw gekregen en ik geloof dat hij op Bunschoten was gebouwd. In mijn tijd was 't schip nog tamelijk goed. Voorin waren de houten nog spiegelnieuw maar die onder 't zeilwerk waren opgegeten door zulke [iets minder dan vingerdikke] wormen. Het schip was voorzien van opzet-boeisels.

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht