Vrouwe Anna Beatrijs

Vrouwe Anna Beatrijs

Dr. Ir. J. Vermeer schrijft in zijn boek "Tjotters en Boatsjes":
In de lijst van schepen en plezierjachten, tussen 1904 en 1922 gebouwd op de scheepswerf van Lantinga te IJlst, opgenomen in het artikel van Fr. Boschma, staat genoteerd op 25 mei 1907: Zeilboot - 4,80 mtr - Kuiper, boer te Workum, toe op zijn boot f125,-. Het is deze tjotter, die wij terugvinden in het Nederlandsch Jachtregister van 1925 onder de naam "Snoek", eigenaar P. Kuipers te Workum, gebouwd door Lantinga te IJlst, 1907.

Opmerkingen

Het ronde grootspant verkregen door middel van het betrekkelijk grote aantal gangen wijst nog op het rela¬tief vroege ontstaan . Tot de uitrusting behoort nog steeds een zwarte kist (de zg. ballastbak), waarin vroeger naar behoefte tijdens hardzeilen ballast in de vorm van zakken zand kon worden meegenomen. Deze kist is in de door Fortuin gemaakte tekeningen afgebeeld.

Eigenschappen

Plaquette nummer:81 Zeil nummer: RE94
Categorie:A Tekening nummer:
Type:Tjotter

Bouw

Bouwjaar:1907 Ontwerper:L. Lantinga
Werf:L. Lantinga Werf plaats:IJlst
Motor:Inbouw Motor type:Hatz 1B30
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip: Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:4,90 m Breedte berghout:2,18 m
Diepgang:0,98 m Masthoogte water:8,50 m
Oppervlakte grootzeil:17,00 m2 Oppervlakte fok:8,25 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:25,25 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1907 – onbekend P. Kuiper, Workum ( Snoek)
onbekend – 1950 J.T. Kuiper , Workum ( Snoek)
1950 – 1956 Fa. Wester, Grouw ( De Klomp)
1956 – 1964 C.J. van Alphen de Veer- Van der Sijp, Oosterbeek ( Vrouwe Anna Beatrijs)
1964 – 1996 J.C.M. van der Sijp, Wassenaar ( Vrouwe Anna Beatrijs)
1996 – 2004 N.P.C. van Wijk, Wassenaar ( Vrouwe Anna Beatrijs)
2004 – Nu (laatst bekend) F.E. Kamminga, Amersfoort ( Vrouwe Anna Beatrijs)

Geschiedenis

1907

1907

1907: Uittreksel uit het werfboek van Lolke Lantinga

1925

1956

1956

1956: Brief van J.T. Kuipers aan Mevrouw C. J. van Alphen de Veer-Van der Sijp

1982

1982

1982: Onder zeil in 1982

1995

1995

1995: De jachten van Heeg in de Spiegel der Zeilvaart

Restauratie bij Pier Piersma
Restauratie bij Pier Piersma

1996

1996

1996: Oud-eigenaar J.C.M. van der Sijp zet de geschiedenis van de 'Vrouwe Anna Beatrijs' op schrift in 2 documenten

2007

2007

2007: De 'Vrouwe Anna Beatrijs' in het boek "Tjotters en Boatsjes" van Dr. Ir. J. Vermeer

Werfboek van Lolke Lantinga

Lolke Lantinga had een nieuwe boot gebouwd met terugname van de oude. Dit blijkt uit een passage in de in paragraaf 6.7 vermelde werfboeken: . . .

Heden Zaturdag 2 Mei een nieuw groot zeilboot aangenomen te maken voor Kuiper boer te Workum - moet lang zijn 4,80 meter en breed of wijd over de strijklatten 2,25 meter met roer en zwaarden, koper op de kop van 't roer en om de zwaardskoppen koperen sterren en de zwaardsbouten de koppen overkoperen, met slot op huisjedeur, digte banken in de zijden en langs schotjes onder de voorplegt de botteloef met insteker en de stangen, de boomijzers en vlagijzer van zijn boot moet weer aan het nieuwe boot, ik ruil zijn boot er dan aan met zeil en 2 fokken en krijg dan f 125 toe op zijn boot, moet op het aller spoedigst klaar.

Er is ook een kwitantie bewaard gebleven, waarop vermeld staat . .

de som van Tweehonderd Zeven en Zeventig gulden en twee en zestig cent strekkende tot betaling voor een aan hem (i.c. P. Kuipers) geleverd nieuw groot zeilboot met tuig en het oude boot met tuig erbij.

Hieruit blijkt dat de oude boot (met wig erbij) inderdaad als deel van de betaling is ingeleverd; met het bedrag van f125,- dat Lantinga volgens het werfboek voor de oude boot betaalt, zou de nieuwe dus in totaal f 402,62 hebben gekost. Het blijft natuurlijk speculatief te veronderstellen, dat de ingeleverde oude boot die zou kunnen zijn, die E.H. van der Zee in 1861 bouwde voor A.R. Kuipers te Workum. We hebben niet kunnen verifiëren of deze Kuipers inderdaad een voorzaat was van de opdrachtgever van de nieuwe boot.

Aardig om ook in zijn geheel te vermelden is de inhoud van een briefje van Lolke Lantinga aan Kui¬pers:
IJlst 5 Junij 1907. - Mijnheer en vriend. - Ik heb voor u de mastmaker S. de Vries ook gevraagd om prijsopgave van de tuig. Hij heeft mij een briefje gegeven waarop staat f 36,50 en met de mastge¬wigt f45. R. Wijtzes had f 42 zonder mastgewigt. Ik heb het nu aan de Vries besteld voor u. Ik ben gister te Sneek ook bij de zeilmaker Y. Wielinga geweest die zegt dat de gaffel 1.45 meter zoo wel wat heel lang is - hem dacht ongeveer 1,35 meter beter anders wordt het zeil van boven wel wat breed. Gij moet dat nu zelf weten. Voor dat het zeil gemaakt wordt moet eerst de gaffel. Ik zou het wel goed vinden dat gij de kleinste fok van u a.s. maandag of dingsdag met de Sneeker boot aan mij zendt dan zal ik de zeilmaker die laten zien dan kan hij de nieuwe tuig van dat zelfde soort katoen maken, ik zal u de fok dan direct terug zenden. Ik verwacht dan met een de lengte van botteloef en insteker voor de steven van u, fok en zeil zal kosten ongeveer 60 a 70 gulden, met touw werk. -

Na groeten in afwachting, Uw vriend, w.g. L.O. Lantinga.

De 'Snoek' van de familie Kuipers in Workum

De tjotter "Snoek" blijft ruim 40 jaar eigendom van de familie Kuipers. Over deze periode is betrekkelijk weinig te vermelden. Aanvankelijk werd er veel wedstrijd mee gevaren. De heer S.D. Haagsma, huidige eigenaar van een andere Workumer tjotter "De Twa Sisters", gebouwd door Eeltje Holtrop van der Zee, weet nog het volgende te vertellen. Kuipers deed er alles aan om tijdens het hardzeilen "De Twa Sisters" te verslaan; hij huurde daartoe zelfs beroeps-skûtsjeschippers in. Dat deed grootvader Jan Haagsma trouwens ook, met dit verschil, dat deze altijd zelf stuurde. Er werd dus felle strijd geleverd, waarbij de "Snoek" zelfs een keer zou zijn omgeslagen.

Afbeelding op tegel (geen datering)
Afbeelding op tegel (geen datering)

Mevrouw C. J. van Alphen de Veer-Van der Sijp te Oosterbeek koopt de tjotter

Begin jaren vijftig wordt de "Snoek" verkocht aan de firma Wester in Grou, waar zij in de verhuur belandde. De naam wordt dan "De Klomp". In de zomer van 1956 gaat de tjotter over in handen van mevrouw C. J. van Alphen de Veer-Van der Sijp te Oosterbeek. De thuishaven wordt dan Oosterbeek, waar aan de oever van de Nederrijn, ter hoogte van het eeuwenoude kerkje, de badmeester van een primitief zwembad tussen twee kribben, een kleine jachthaven exploiteerde. Mevrouw Van Alphen de Veer treedt via Wester in contact met de voorlaatste eigenaar, de heer J.T. Kuipers, zoon van de opdrachtgever. Deze schreef haar dat zijn vader de tjotter in IJlst had laten bouwen en stuurde haar, behalve de boven weergegeven brief van Lolke Lantinga, ook de hierbij afgebeelde copie van de kwitantie, waaruit blijkt, dat het hier inderdaad de in 1907 gebouwde zeilboot betreft. Mw Van Alphen de Veer vertelde ons nog als bijzonderheid, dat de boeisels grijs geverfd waren met witte biezen. Mogelijk voerden de tjotters uit Workum vroeger deze kleurcombinatie om zich te onderscheiden. De andere nog bestaande Workumer tjotter, "De Twa Sisters", voert deze combinatie nog altijd.

Met haar drie kinderen bracht de nieuwe eigenares de schoolvacanties door zwervend over de Friese meren; de tocht erheen werd zonder hulpmotor zoveel mogelijk zeilend gemaakt, wat zelfs in die jaren een zeer sportieve prestatie betekende. Later verbleef de tjotter, die naar de dochter "Vrouwe Anna Beatrijs" werd genoemd, enige jaren in de jachthaven van Zwartsluis. In 1960 krijgt W.H. Fortuin van de secretaris van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten opdracht opmetingen en tekeningen van de tjotter te maken" met het oog op het door de stichting uit te geven boek over ronde en platbodemjachten; daarin zijn deze tekeningen inderdaad ook opgenomen. Enige jaren later gaat de "Vrouwe Anna Beatrijs" over in handen van Dr J.W.C.M. van der Sijp te Wassenaar, die haar bij de werf Admiraal in Giethoorn wat liet opknappen.

In 1971 werd zij bij Piersma grondig gerestaureerd. Sinds Heeg in 1977 de thuishaven is geworden, is de "Vrouwe Anna Beatrijs" weer duidelijk aanwezig op de Friese meren; zij neemt sindsdien elk jaar deel aan de Regionale Friese Reünie aldaar. Na veertig jaar in de familie te zijn geweest verkoopt de heer Van der Sijp in 1996 de tjotter aan zijn plaatsgenoot notaris Mr N.P.C. van Wijk.

Technische gegevens

Hoofdafmetingen

  • Lengte over de stevens    4,90 m
  • Grootste breedte buitenkant huid    2,18 m
  • Holte op het grootspant    0,99 m
  • Zeiloppervlak: Grootzeil + fok    25,3 m2

Bijzonderheden

  • geen kielbalk
  • rond grootspant
  • vlaktilling 0°
  • kielgang, brede zandstrook + vulgang, 5 huidgangen
  • laag voordek van geverfde losse delen; bedelbalk
  • snijwerk op boeisels, bedel- en hennebalk breed roer met in de kop uitgesneden stralende opgaande zon
Bedelbalk (Foto Vermeer)
Bedelbalk (Foto Vermeer)
Hennebalk en Roerkop (Foto Vermeer)
Hennebalk en Roerkop (Foto Vermeer)

17 september 2007

17 september 2007: Oude roer wordt geschonken aan het Fries Scheepvaart Museum

Heeft u vragen en/of opmerkingen?

Terug naar het overzicht