Wiede Weerga

Wiede Weerga

Dit vissersschip uit Zeeland is een moeilijk te ontwerpen vaartuig vanwege de lange lijnen van boeisel en berghout in het voorschip. De hoogaars heeft namelijk een heel lange, vallende voorsteven, wat tot gevolg heeft dat de lijnen van berghout en boeisel naar de steven toe met grote zorg en deskundigheid moeten worden getekend. Het is niet voldoende dat die in het zij-aanzicht goed stroken. Ziet men het schip van een wat hogere of lagere standplaats, dan kan het bij een slecht ontwerp voorkomen dat men een lelijke slag constateert. J.K. Gipon heeft in zijn hoogaarsen deze fout vermeden.

De Hoogaars 'Wiede Weerga' is in 1971 door Kooijman en de Vries in Deil gebouwd in opdracht van Th. Vos uit Heemstede. Haar eerste naam was 'Berend Botje'.

Onder zeil in september 2016
Onder zeil in september 2016

Eigenschappen

Plaquette nummer:752 Zeil nummer: VC188
Categorie:D Tekening nummer:
Type:Hoogaars

Bouw

Bouwjaar:1971 Ontwerper:J.K. Gipon
Werf:Kooijman & De Vries Werf plaats:Deil
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Staal Materiaal kajuit:Staal
Materiaal zeil:Katoen
Onderwaterschip: Kiel:Kielbalk

Afmetingen

Lengte stevens:9,20 m Breedte berghout:2,95 m
Diepgang:0,60 m Masthoogte water:9,00 m
Oppervlakte grootzeil:22,00 m2 Oppervlakte fok:12,50 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:7,00 m2
Oppervlakte totaal:41,50 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1971 – 1973 Th. Vos, Heemstede / Sneek ( Berend Botje)
1973 – 1979 A.J. Hasselman , Voorburg ( Vrouwe Clasina)
onbekend – onbekend C. Meijers, Maassluis ( Schor'aes)
onbekend – onbekend L. Kloet, Arnemuiden ( Schor'aes)
onbekend – 2000 J. Geuze, Tholen ( Schor'aes)
2000 – 2015 F.F. Waller, Haarlem ( Wiede Weerga)
2015 – Nu (laatst bekend) M. Fölling, Workum ( Wiede Weerga)

Geschiedenis

1971

1971

1971: Tewaterlating 1971 onder de naam 'Berend Botje'

Jan Kooijman schrijft in zijn boek 'Platbodemjachten van J.K. Gipon' verder het volgende:

Een verdere bijzonderheid is dat de berghoutslijn naar achter toe, lang laag op het water blijft en pas heel laat met een sierlijke zwaai omhoog loopt. Sommige hoogaarsen hebben dit heel sterk. Een schilder zei mij: 'Ze lijken op een kloek met de vleugels laag naar beneden om de kuikens te beschermen. De lange vallende voorsteven had bij het werk van de hoogaars een speciale funktie, namelijk het buitenboord houden van buiswater, vooral ver van de kookpot voor de gamalen die in het ruim stond opgesteld.

Hoewel het vlak van de hoogaars in langsdoorsnede niet bij alle typen gelijk was, kan toch in het algemeen worden gezegd, dat de hoogaars in het voorschip dieper was dan in het achterschip. Vandaar de naam hoogaars: hoog kontje (niet boven water maar onder water). De visserman-hoogaars kwam bij het vissen in de geulen van Zeeland herhaaldelijk vast te zitten. Doordat het schip aan de voorzijde de grootste diepgang had kon het zonder veel moeite omzwaaien en in de tegenovergestelde richting wegvaren net als de hengst. Wel moest dan het vissende roer eerst worden opgehaald. Met deze snelle omkeermanoeuvre voorkwam men groot tijdverlies. En: 'tijd was geld.' Gipon koos bij zijn hoogaarsen voor een matig gebogen vlakvorm met een scheg die gunstig is voor de bescherming van de schroef. Het roer steekt daar niet onderuit. Hij heeft Hoogaarsen ontworpen in diverse lengtes. De hoogaars was van oudsher een scheepstype dat in diverse maten werd gebouwd.

2017

maart 2017

maart 2017: Winterstalling 2016-2017

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht