Windroos

Windroos

In 1926 werd deze hoogaars gebouwd op de werf van F. Annemans te Gent in opdracht van M. van Gysel, Vice-Commodore van de R.S.C. Gent. In het reeds eerder genoemde eerste nummer - 7 januari 1927 - van het nieuwe watersportblad 'De Waterkampioen' meldt de Belgische briefschrijver dit feit uitvoerig, met name omdat 'de 'Windroos' speciaal gemaakt werd om de 'Jetty' te kloppen'. Annemans bouwde de 'Windroos'. Het schip is zeer licht gebouwd. Om gewichtsbesparing te bereiken zonder sterkte te verliezen, past Annemans een spantconstructie toe, die niet veel meer lijkt op die van de traditionele vissermanhoogaars. In plaats van zware spanten met aan weerskanten een legger heeft het schip afwisselend knieën en spanten.

Prompt zendt Léon Huybrechts dan ook een uitdaging aan Van Gysel voor een wedstrijd om de Prix Scaldis - een groot houten model van een botter. Huybrechts won deze prijs in 1922-1923 en sedert dien durfde niemand hem uitdagen, aldus briefschrijver Triphon. Voor deze wedstrijd gold de in die tijd afwijkende regel dat alleen met amateurs gezeild mocht worden en dat deze afkomstig moesten zijn uit dezelfde plaats als de eigenaar. De uitslag is helaas niet bekend. In 1931 wordt het schip verkocht aan F.L. François te Gent, die de naam veranderde in het nietszeggende 'I'm alone', met als wedstrijdnummer OB1. Een jaar later wordt eigenaar Bernard Neefs, eigenaar van de likeurstokerij Elixer d' Anvers, een spectaculaire figuur, die ook nog een tijdlang luchtmachtpiloot was.

Eigenschappen

Plaquette nummer:1422 Zeil nummer: HB1 / OB 1 / VB56 / VA78
Categorie:A Tekening nummer:
Type:Hoogaars

Bouw

Bouwjaar:1926 Ontwerper:Van Gysel
Werf:Annemans Werf plaats:Gent (B)
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:Hout
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip: Kiel:Kielbalk

Afmetingen

Lengte stevens:14,18 m Breedte berghout:5,50 m
Diepgang:0,90 m Masthoogte water:18,75 m
Oppervlakte grootzeil:69,02 m2 Oppervlakte fok:45,60 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:12,00 m2
Oppervlakte totaal:126,62 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1925 – 1931 A. van Gysel, Gent ( Windroos)
1931 – 1944 Leopold Florent François, Gent ( I'm alone)
1944 – 1958 Raymond Neefs, Antwerpen ( I'm alone)
1958 – 1965 Gerald Dyas, Antwerpen ( Windroos)
1965 – 1986 J.H. Bakker, Baarn ( Windroos)
1986 – 1987 Wim van Rootselaar en André Hoek, Nijkerk / Monnickendam ( Windroos)
1987 – 1996 W. van Rootselaar, Bosch en Duin ( Windroos)
1996 – Nu (laatst bekend) M.I. Platschorre, Kortgene ( Windroos)

Geschiedenis

1980

1980

1980: Stichtingsmonografie nummer 27 - Drie Hoogaarzen

Bernard van Gils is evenals zijn vrouw Jeanne niet alleen gehecht aan de eigen 'Turc', maar hij heeft in een aantal jaren een indrukwekkende documentatie samengesteld over Nederlandse en Belgische Hoogaarzen en Hengsten.

Zie Pag. 401-411 - Monografie 27 - Drie Hoogaarzen

1989

maart 1989

maart 1989: Spiegel der Zeilvaart maart 1989 nummer 2 - Hoogaars 'Windroos' in volle glorie hersteld

In 1926 werd in Antwerpen de hoogaars „Windroos" gebouwd. Al bij de bouw was het een bijzonder schip. In die tijd werden er nl. weinig schepen van die omvang als jacht gebouwd.
Het wedstrijdzeilen met ronde en platbodemjachten was in die jaren al zeer in trek. Dit blijkt o.a. uit de foto waar drie Lemsteraken in 1926 tegen elkaar zeilen: „De Onrust", „De Wulp" en „Salamander", en uit het artikel in het allereerste nummer van het toen nieuwe watersportblad „De Waterkampioen" - van 7 januari 1927 -, waarin gemeld wordt dat de „Windroos" speciaal gebouwd werd om de „Jetty" te kloppen. Wat deze drie Lemsteraken op de Zuiderzee uitvochten, vochten in die jaren de hoogaarzen „Jetty", „Windroos" en „Turc" in Zeeland uit.
Het varen met hoogaarzen was (en is) in Zeeland zeer populair. De strijd gaat hierbij veelal tussen Belgen en Zeeuwen zoals in het noorden de Hollanders en de Friezen regelmatig om de eer strijden. Dat in die jaren fanatiek gezeild werd is te zien aan de zeilgarderobes die op deze schepen te vinden waren. Op de „Windroos" vonden we een hoeveelheid zeilen terug waarmee gemakkelijk het hele vooronder gevuld kon worden. Jagers van meer dan 150 m2 van licht Egyptisch linnen, waterzeilen, apen, allerlei kluivers en fokkeloeten van bijna de waterlijnlengte. Zoals op de foto van Lemsteraken is te zien werd er in die tijd ook bij de aken met reusachtige zeilen gevaren. Het huidige opleven van de wedstrijdsport met deze schepen waarborgt tevens het behoud van deze bijna vergane glorie. Het restaureren van de " Windroos" kan hiermee in verband worden gebracht.

Al enkele maanden zeilden een aantal vrienden iedere woensdagavond met Lasers wedstrijdjes bij de Koninklijke Zeil- en Roeivereniging in Muiden. Tijdens een van die avonden ontstond de discussie rondom de "Windroos" tussen Michael Bakker, Willem van Rootselaar en André Hoek. De "Windroos" was te koop uit een erfenis. Uit liefhebberij werd het plan geboren om aan dit schip te gaan werken, want het lag in Workum al een tijdje weg te rotten. Het gras groeide in het vlak en volgens velen was het schip al ten dode opgeschreven. Wat weinigen met ons, en de voormalige restaurateur Roelof van der Werft, wisten was dat er al een en ander aan het schip gedaan was. De huid was gedeeltelijk vernieuwd, het dek gedeeltelijk, de dekbalken, een aantal spanten, en nog diverse kleine zaken. Na een onderhandeling van vier weken werd het schip gekocht door Willem van Rootselaar en André Hoek. De losse spullen werden per vrachtwagen vervoerd en het schip zelf werd deels gesleept, deels op eigen kracht overgevaren naar Nijkerk, waar Klaas Bood in oktober 1986 met de restauratie kon beginnen. Het schoonmaken van het schip en het uitzoeken van alle onderdelen heeft maanden geduurd. Het was een soort puzzel met honderden stukjes. Omdat de restauratie zo omvangrijk werd en omdat André in die periode ook een eigen bedrijf aan het opstarten was, werd besloten om het eigendom in één hand te houden. Zo werden Willem en Sonia eigenaar van de "Windroos".

Het schip was destijds met opzet zeer licht gebouwd: met kleine spantafmetingen en relatief lichte onderdelen. Deze constructie had het door de jaren heen danig voor zijn kiezen gekregen: het bleek noodzakelijk een groot aantal liggers en spanten te vernieuwen of wel te versterken. Bovendien werd er, om de langsscheepse sterkte te vergroten, van kop naar kont een middenzaathout aangebracht, dat een verloop heeft in de motorfundatie. Dit zaathout had tevens ten doel om het lange overhangende voorschip meer stijfheid te geven. Bovendien werd het voorschip verstijfd door meer langsverband onderdeks en een vaste trap in het vooronder. Op het zaathout werd ter plaatste van de mast een verbreding gemaakt voor het nieuwe mastspoor. Het schip had altijd een doorgestoken mast gehad, en de oude mastfundatie was in zo'n slechte staat dat besloten werd ook dat onderdeel te vernieuwen. Met het oog op veel zeil te gaan voeren èn met het oog op een betere krachtenverdeling zijn twee puttingen per bakstag (spruitstuk) en dubbele wantputtingen (dus dubbel zijwant) genomen. Verder zijn de puttingen zodanig aangebracht dat de krachten goed doorgeleid worden in de romp.

pdf SdZ 1989 nr02 maart - Hoogaars 'Windroos' in volle glorie hersteld

2009

november 2009

november 2009: Spiegel der Zeilvaart nummer 9 - Herdenking 400 jaar Henry Hudson: Zestien platbodems op de Hudson

Zestien Nederlandse platbodems, een roeigig en een muziekbootje hebben in september de wateren rond New York bevaren. Zij namen deel aan festiviteiten om te herdenken dat Henry Hudson in dienst van de VOC dit gebied in 1609 ontdekte. Dat was het begin van wat later Nieuw Amsterdam en New York werd. Ongeveer 170 schippers hadden een jaar geleden hun interesse getoond om hun schip te laten verschepen naar Amerika, voor 'Platbodems op de Hudson', een van de tientallen projecten in dit HH400-jaar (ook wel aangeduid als NY400). Door de achterblijvende belangstelling van sponsoren wisten uiteindelijk maar zestien schippers de financiering voor de overtocht rond te krijgen. De Nederlandse vloot in Amerika was daardoor kleiner dan gehoopt, maar niet minder opvallend en succesvol.
De 'Windroos' was één van de 16 deelnemers.

De deelnemers

De in het Stamboek opgenomen schepen die aan de herdenking 400 jaar Henry Hudson hebben meegedaan

pdf SdZ 2009 nr09 november - Herdenking 400 jaar Henry Hudson - Zestien platbodems op de Hudson

2014

2014

2014: Het blad Consent: De Windroos, de laatste fase in de ontwikkeling van de hoogaars

CONSENT is een uitgave voor de donateurs, sponsors en relaties van de uitgevende organisaties; dit zijn naast VZW Tolerant, de Stichting Museumhaven Zeeland uit Zierikzee en Stichting Behoud Hoogaars
In het blad Consent verscheen in 2007 een tweetal artikelen over de 'Windroos'. In 1925 is er een twintigtal schepen ingeschreven bij de twee belangrijkste jachtverenigingen in België, de RSCG en de RYCB. Het jaarlijkse wedstrijdprogramma omvat minimaal vijf wedstrijden waaraan door de fine fleur van de Belgische en Nederlandse platbodemzeilers wordt deelgenomen. Een van de meest succesvolle deelnemers is "de Grote Leon" Huybrechts, vooraanstaand lid van de RYCB, voormalig olympisch zeilkampioen en eigenaar van de jachthoogaars 'Jetty'. Sinds 1920 wint Huybrechts met dit schip zowat alle prijzen die te winnen zijn. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat Van Gysel in 1925 aan de Gentse jachtbouwer Frans Annemans de opdracht verstrekt een hoogaars te bouwen "die de 'Jetty' kan kloppen".
En Annemans bouwde de 'Windroos'. Het schip is zeer licht gebouwd. Om gewichtsbesparing te bereiken zonder sterkte te verliezen, past Annemans een spantconstructie toe, die niet veel meer lijkt op die van de traditionele vissermanhoogaars. In plaats van zware spanten met aan weerskanten een legger heeft het schip afwisselend knieën en spanten.

pdf Consent 2007-3: De Windroos, de laatste fase in de ontwikkeling van de hoogaars

pdf Consent 2007-4: De mensen van de WIndroos

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht