2026-9 Mondelinge overlevering
De zeilvaart kent vele dramatische verhalen die vaak met elkaar verward worden en zo een eigen `sailing legend' opleveren. Dat geldt ook voor de Staverse jol Volhouder. Maar naast de mondelinge overlevering zijn er altijd nog de geschreven bronnen.
Radboud Polee schreef de SSRP: 'Mijn opa en ouders hebben een Staverse jol gehad. Gebouwd als jacht en later in de visserij terechtgekomen. In de storm van 1953 vergaan, op de kop komen aandrijven in volgens mij Paessens. Dat schip heette Volhouder. Het naambord hangt in de kotter van mijn broers en mijn huidige motorboot heet ook weer Volhouder. Ik vermoed dat de jol rond 1955-1960 op het Leekstermeer lag. De mast had volgens mij verstaging, kon strijken en dus kon ze daar komen.'
Het verhaal van de Volhouder (stamboeknummer 359) begint voor de SSRP rond 2000, na een restauratie. Begin jaren 70 hadden Klaas en Marthy Reinders uit De Wilp, een dorpje ten oosten van Drachten, een oude Staverse jol met kajuit gekocht. Het schip zat geheel in het blik en was van een respectabele leeftijd. Toen zij later deelnamen aan de jollenwedstrijd in Stavoren, werd het verblijf in de kuip aangenamer gemaakt met zeildoeken kleedjes langs het boord. Dat deed weliswaar afbreuk aan de lijn van het schip, maar maakte het leven voor een gezin wel comfortabeler en veiliger. Maar van een oud schip, dat het `doodshemd' al aan heeft, kan je niet verwachten dat het probleemloos in de vaart blijft.
Herbouw door Brandsma
De eigenaren lieten hun oude jol door Brandsma in Rohel opnieuw bouwen op basis van de oude jol. Bij het verwijderen van het blik kwam er een verrassing. Onder het stort, op de boegen van de jol, stond een visserijnummer: HZ28. Blijkbaar was er met de jol gevist vanuit Huizen! Besloten wordt de jol te herbouwen als visserman en niet als jachtjol, hoewel de jol in 1901 of 1902 gebouwd was als jachtjol met kajuit, voor een dominee in Lemmer. In Stavoren zijn nooit jachtjollen gebouwd, dus wordt Gaastmeer dan waarschijnlijk. In de jaren dertig wordt het scheepje gekocht door Dick de Boer, een scheikundeleraar aan de Gooische HBS. Vanuit Huizen zeilt hij met de jol op het IJsselmeer. Tijdens de oorlog wordt die uitgeleend aan beroepsvissers, die de jol laten registreren als HZ28
Hongertocht
Tijdens de hongerwinter van 1944/45 mogen Okke Suurenbroek en Eric Wicherts de jol gebruiken om in Andijk groente, bonen en erwten te gaan kopen. In dichte mist ankeren ze bij Marken en varen de volgende dag verder. Bij Enkhuizen beweren Urker vissers dat ze de jol kennen. Lang geleden waren vier dronken studenten op de Zuiderzee ermee omgeslagen en verdronken. Suurenbroek en Wicherts zeilen verder en krijgen bij Andijk slechts wat winterpeen en uien en keren terug. naar Huizen. Op de terugweg staat er een harde zuidwestenwind. De voorstag van de jol breekt en het hele tuig gaat overboord. Ze worden uiteindelijk door de Kriegsmarine uit hun benarde positie geholpen. Die sleept de jol naar de Oranjesluizen. Daar tuigen ze het schip weer op, waarna ze de tocht kunnen voortzetten naar Huizen. Bij Muiderberg weten ze nog een binnenschipper te redden, die er al drie dagen vastzat. Uit dankbaarheid mogen ze hun jol vol scheppen met rogge uit het ruim van het binnenschip.
Brief in de Spiegel
In oktober 2006 plaatst Wim de Bruijn in de Spiegel een reactie van B. Kornalijnslijper uit Enkhuizen. Kornalijnslijper schrijft naar aanleiding van een eerder artikel in 2003: 'Herman Bakels is doopsgezind predikant te Koudum en Enkhuizen en op 15 april 1901 van Koudum ingeschreven naar Enkhuizen met zijn gezin en in juli 1907 weer vertrokken naar Haarlem. Zijn twee kinderen zijn in 1898 en 1900 geboren te Warns (niet zo ver van de werf van Wildschut in Gaastmeer). Hij was eigenaar van de jol Volhouder.
Op 1 oktober 1903 vertrokken drie broers (van de familie Scholten - red.) en een neef voor een zeiltochtje dat fataal afliep voor alle vier. Zie ook de bijgevoegde krantenartikelen.' Die feiten logen er niet om: 'Vier jongens uit Enkhuizen waren een zeetochtje gaan doen naar Amsterdam en eenige andere havenplaatsen aan de Zuiderzee. Dinsdag vertrokken zij uit Bunschoten en werden door zwaar stormweder overvallen, met het noodlottig gevolg, dat de jol is omgeslagen en de 4 opvarenden hun dood in de golven hebben gevonden, althans het vaartuig is Woensdagmiddag tusschen Elburg en Urk door Urker visschers omgeslagen gevonden.'
SdZ 2026 nr09 november - Stamboek Mondelinge overlevering