De Nieuwe Kielkade - Bolsward

Lemsteraken worden het grote doel in Bolsward

Leeuwarder Courant 1 mei 1974:
Het aannemingsbedrijf bedrijf Jorritsma BV is gestart met een afdeling jachtbouw. Men gaat zich toeleggen op ronde en platbodemjachten jachten. De eerste opdracht de bouw van een Lemsteraak is al binnen. De directeur van het aannemingsbedrijf de heer Jetze Jorritsma vertelt dat men rustig wil beginnen. Als de opzet in de toekomst goed blijkt te zijn zal de afdeling in een aparte besloten vennootschap worden omgezet. Het voorstel om met een afdeling jachtbouw te beginnen is afkomstig van de heer Wouter Mulder onderdirecteur directeur van het bedrijf.

Hij kwam op dit idee omdat men in eigen huis twee uitstekende scheepsbouwers had, die dat ambacht echter uitsluitend als hobby in de vrije tijd uitoefenden, namelijk de heren Tjibbe Brinksma (49 al jaren lang uitvoerder bij Jorritsma en de 40-jarige Joop Idsinga als chauffeur. Zij hebben elk al enkele jachten van stapel laten lopen. De heer Brinksma heeft twee houten scherpe jachten gebouwd en hij legt nu de laatste hand aan een stalen Schokker. De heer Idsinga liet een tjotter en een stalen Fries jacht het leven zien en is bezig met de bouw van een boeier eveneens van staal.

Waterkampioen Nummer 2 17-01-1968: Het schip van Idsinga

Gait L. Berk schrijft in de Waterkampioen het volgende over Joop Idsinga:
Het schip van Idsinga in Bolsward: „Wanneer u dit schip ziet dan staat u verbaasd .... de man heeft goud in zijn handen ... hij kan alles over schepen vertellen ... als u komt, dan krijgt u een hele Water­kampioen vol, dat verzeker ik u." 
Nu, dit laatste is in ieder geval een voordeeltje, dat ons niet alle maanden deelachtig wordt en zo zal het wel niemand verbazen, dat ik niet lang daarna op een winderige zaterdag-middag in Bolsward bij het schip in het loodsje stond. Het moest op zaterdag gebeuren, want in de week werkt Idsinga in een kolenhandel — alleen zijn vrije tijd kan hij aan het schip besteden. Dan krijgt hij dus het goud in zijn handen - én het staal. Want van dit weerbarstige materiaal bouwt deze Fries zijn Friese Jacht. Hij bolt en rekt het in de vorm en last het elektrisch aan elkaar. 
De vraag is echter of Idsinga voor een echte amateur kan doorgaan. Met zijn Ulo-opleiding kreeg hij eerst een kantoorbaantje. „Maar na de eerste week dacht ik: gauw weg wezen!" Hij volgde een lascursus en kwam toen een kort poosje op een werf te werken. Door de pensionering van zijn vader, een gewezen zeilschipper, die niet aan de motor wou, kreeg hij de kans diens baan bij de brandstoffenhandel over te nemen. 
Een goede Fries gaat niet over één nacht ijs. Idsinga heeft het model van bestaande schepen goed bekeken en boeken bestudeerd. Voorzichtig is hij gaan tekenen en rekenen aan het schip, dat hij zou willen hebben. Het rekenen gold niet zozeer de waterverplaatsing en dergelijke, maar vooral het budget. En er kwam uit, dat de scheepswanden ieder gemaakt moesten kunnen worden van drie staalplaten van twee meter lengte. Hieruit resulteerde met enig passen en meten een lengte over de stevens van 5,60 meter. En uitgaande van deze wetenschap werden de spanten uitgezet. 

Lees het hele verhaal uit de Waterkampioen:

pdf Waterkampioen Nummer 2 17-01-1968 - Het schip van Idsinga.pdf

Van hobby naar professie

De heer Mulder zag mogelijkheden de hobby van de beide scheepsbouwers door middel van een eigen afdeling voor het bedrijf te gelde te maken. Op voorstel van de heren Brinksma en Idsinga, die bijzonder met de plannen zijn ingenomen werd besloten zich toe te leggen op de bouw van klassieke schepen, want de concurrentie in de scherpe jachten is groot aldus de heer Brinksma. Het is de bedoeling dat de bouw van Lemsteraken van 10 of 11 meter lang een specialiteit wordt. Ook op andere werven zijn Lemsteraken naar het ontwerp van de heer Brinksma gebouwd.

Voorlopig zullen de heren Brinksma en Idsinga de afdeling samen runnen, maar als de orderportefeuille dat vereist, zal men zeker niet aarzelen het personeelsbestand uit te breiden. De scheepswerf is nu nog gevestigd in een 170 vierkante meter grote loods met een ingebouwd haventje aan de oude Makkumer vaart op het industrieterrein. Nu de vaart gedempt dempt is, gaat men straks naar een grotere hal aan de Franekervaart. Men blijft wel gevestigd óp het industrieterrein terrein. Er is bewust voor staalbouw gekozen omdat hout uit de tijd is, aldus de heer Brinksma en het is de bedoeling dat men zich eerste voornamelijk gaat bezig houden met de productie van casco’s waarvan de twee man van nu vier per jaar kunnen bouwen. Volgende winter kan er een boeier worden vervaardigd, terwijl men ook enkele schepen kan aftimmeren.

Alle resultaten

In het Stamboek ingeschreven schepen, die ontworpen zijn door Tj. Brinksma

Alle resultaten

Schepen van Joop Idsinga in het Stamboek

Terug naar vorige pagina