Schokkers in Vollenhove
20-10-2026
Bij het woord ‘schokker’ denken platbodemmensen natuurlijk primair aan een type vissersschip dat, zo beweert men, ooit door vissers van het eiland Schokland gebruikt werd. Pas in tweede instantie denkt men bij die term aan die eilandbewoners zelf. Dat is niet zo vreemd, aangezien die 650 bewoners van Schokland in 1859 gedwongen hun woningen in het katholieke Emmeloord in het noorden en het protestantse Middelbuurt en het Zuidert in het midden en zuiden moesten verlaten. Het was voor de overheid te duur geworden het eilandje voor die weinige arme bewoners tegen de golven van de Zuiderzee te blijven beschermen.
Vanaf dat moment bestaan er dus geen ‘Schokkers’ meer. De katholieke bewoners van Emmeloord verhuisden naar het katholieke Volendam en Vollenhove en de protestanten uit Ens naar Vollenhove en het protestantse Kampen. Veel huidige nazathen van die bewoners van Schokland zijn zich echter nog steeds zeer bewust van hun oorsprong. Ook hun geschiedenis blijft interessant en ja, ‘hun’ vissersschip de schokker is er nog steeds en geldt zelfs als een van de oudste scheepstypen die de eeuwen van verandering heeft overleefd. Of de scheepsbenaming ‘schokker’ inderdaad zo verbonden is met de naam van het eiland, blijft overigens de vraag. De functionele benaming ‘vischschuyt’ voor dit scheepstype was immers ook gangbaar. We weten zelfs niet of de bewoners van het eiland in de 19e eeuw ook over grote schokkers beschikten. Op Urk waren Noordzeeschokkers in gebruik en ook bij Den Helder en bij IJmuiden kwamen die voor, evenals bij Paesens-Moddergat, waar ze Wierumeraken werden genoemd. De vissers die van Schokland naar Vollenhove verhuisden, gebruikten vooral de wat lichter gebouwde en minder diepstekende bons als vissersschip. De bons was geschikter dan de grote schokker voor gebruik op het ondiepe water ten oosten van Schokland en ten westen van Vollenhove.
De sociale geschiedenis van de Schokkers blijft natuurlijk boeien, evenals de geschiedenis van het eiland dat maar niet wilde wegzakken in de zee. De Schokkers die naar Vollenhove trokken, werden daar bepaald niet met open armen ontvangen. Hun komst betekende voor de inwoners van dat stadje meer armoede. Ze kregen om te wonen daarom een plek aangewezen waar voorheen een middeleeuws kasteel, ‘het Olde Huys’, had gestaan. De brede slotgracht werd gebruikt als binnenhaven en de Schokkers mochten hun zelf afgebroken huisjes van het eiland weer opbouwen op het schiereiland in de binnenhaven, waar enige decennia eerder de laatste restanten van het kasteel waren gesloopt.