Marker rondbouw

Er varen nog steeds een aantal van deze schepen, die omgebouwd zijn tot jacht. De Marker rondbouwen waren stalen vaartuigen. le hadden doorgaans een ronde bodem. Een vaartuig van dit type, dat bij de werf Oost te Harderwijk was gebouwd, had echter een platte bodem. De voorsteven was rond en vallend. Het achterschip eindigde in een licht vallende spiegel. Het tamelijk brede boeisel versmalde zich in de richting van de voorsteven. le had een behoorlijke zeeg. Het naar de steven toe oplopende voorschip was tot de mast gedekt. De eerste Marker rondbouwen hadden nog een houten dek.

De helmstok draaide over het boord. De Marker rondbouw was voorzien van een bun. Tijdens het zeilen werd gebruik gemaakt van langwerpige zwaarden. Deze vaartuigen voerden bezaanstuig, dat bestond uit een grootzeil en een botterfok. Ze waren oorspronkelijk uitgerust met een kleine hulpmotor, waarmee alieen vooruit kon worden gevaren.

De afmetingen bedroegen volgens een opgave uit 1936 van de werf C. Amels in Makkum: lengte 10.50 m, breedte 3.40 m, holte 1.50 m. In 1946 heeft Van Goor nog een Marker rondbouw gebouwd met een lengte van 12.50 m.

Spiegel der Zeilvaart augustus 1998 nummer 6 - De ontstaansgeschiedenis van de Marker Rondbouw

De familie Bootsman op Marken was een van de vissersbedrijfjes die niet van plan was om zich door de op handen zijnde afsluiting van de Zuiderzee uit het veld te laten slaan. In 1931, vlak voor de voltooiing van de afsluitdijk, diende Muur Bootsman bij de Rijksdienst een kredietaanvraag in voor de bouw van een nieuw schip. Dit druiste kennelijk zo tegen het beleid van de Dienst in, die zich juist met de afbouw van de visserij bezighield, dat hij geen kans maakte op goedkeuring van zijn plannen. De Markers lieten zich hierdoor niet ontmoedigen, trotseerden de afsluiting en gingen door met vissen. De opbrengsten waren kennelijk toe-reikend om er een familie met drie grote zoons van te onderhouden. Alleen het schouwtje dat zij hiervoor gebruikten, was feitelijk te klein om bij de nieuwe dijk op bot te vissen. Het was nog maar amper een jaar na de afsluiting dat men er serieus over dacht om een nieuw, gro-ter schip te laten bouwen. Kon het niet met een krediet van het Rijk, dan moest het maar uit eigen middelen worden betaald. In overleg met de scheepsbouwer Van Goor in Monnickendam werden de wensen van de Marker vissers omgezet in een concreet ontwerp, waarin zowel vissers als scheepsbouwer zich konden vinden.