Noorderling

Noorderling

Dr. Ir. J. Vermeer schrijft in zijn boek "Tjotters en Boatsjes":De periode van vóór de Tweede Wereldoorlog vormt wat deze tjotter betreft helaas een gesloten boek. Dat Lantinga de bouwer zou zijn en zeker ook het in vroegere schepenlijsten voorkomende bouwjaar van 1890 is daarom niet meer dan een speculatie. Van wie deze suggestie afkomstig is weten we niet. Die toeschrijving valt echter wel te verdedigen, zoals we bij de technische beschrijving nog zullen zien. In het archief van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten bevinden zich twee brieven die enige bijzonderheden bevatten omtrent de historie.

Robin van Son schrijft na de aankoop van de 'Noorderling' in 2019

Dr. ir. J. Vermeer heeft destijds deze tjotter toegeschreven aan Lantinga. Gerard ten Cate en ik hebben uitvoerig contact gehad en wij zijn het unaniem over eens dat het niet een Lantinga is en wel om de volgende redenen:

  1. Afwerking van het zetboord is met één gilling te abrupt
  2. De gilling lijn in de bovenkant van de bedelbalk is niet des Lantinga's
  3. De bodem leggers zij aanzienlijk breder dan grotere jachten van Lantinga 
  4. De hennebalk is te smal
  5. De kromming van de voorsteven is niet des Lantinga's
  6. Het achterschip is in verhouding te smal
  7. De taatsoplegging is anders
  8. Het spinnegatdekseltje is anders
  9. De lijn van de roerkop is anders dan bij Lantinga

Er zullen nog wel meer argumenten komen. Voor nu, misschien bij gebrek aan beter, het ik het idee dat ze van Zwolsman uit IJlst zou kunnen zijn. Ze heeft gelijkenissen met het Fries jacht 'Marwille' en ik ben nu op zoek naar oude foto's van dit jacht. Mogelijk kunnen daarin meerdere gelijkenissen ontdekt worden.

Eigenschappen

Plaquette nummer:189 Zeil nummer:
Categorie:A Tekening nummer:
Type:Tjotter

Bouw

Bouwjaar: Ontwerper:
Werf: Werf plaats:IJlst
Motor: Motor type:
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:
Materiaal zeil:Katoen
Onderwaterschip:Rond Kiel:Kielbalk

Afmetingen

Lengte stevens:4,82 m Breedte berghout:2,10 m
Diepgang:0,30 m Masthoogte water:8,20 m
Oppervlakte grootzeil:11,60 m2 Oppervlakte fok:5,80 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:17,40 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

onbekend – 1949 Jhr. P. Six van Hillegom, Amsterdam ( Radja)
1949 – 1958 Mr G.M.L. Kam, 's Gravenhage ( Drie Koningen)
1958 – 1994 J.C. Wilmans , Meppel ( Noordeling)
1994 – 2010 J.C. Wilmans jr., Wachtum ( Noorderling)
2010 – 2019 D.B. Wittermans , Oppenhuizen ( Noordeling)
2019 – Nu (laatst bekend) R.D. van Son, Makkum ( Noorderling)

Geschiedenis

1994

3 juli 1994

3 juli 1994: De tjotter 'Noordeling' gaat over naar J.C. Wilmans in Wachtum

1997

1997

1997: De tjotter 'Noordeling' in het boek "Tjotters en Boatsjes" van Dr. Ir. J. Vermeer

De eerste brief is van de hand van mr G.M.L. Kam

De eerste brief is van de hand van mr G.M.L. Kam te 's Gravenhage. Deze geeft aan de secretaris van het stamboek gegevens door van zijn tjotter, die hij kennelijk reeds eerder had aangemeld (er is sprake van vroegere briefwisseling). De tjotter is dan ook reeds opgenomen in de eerste schepenlijst (1957) van de pas opgerichte Stichting Stamboek. De brief bevat de volgende gegevens:
Naam: "Drie Koningen"; bouwjaar onbekend (moet zeer oud zijn gezien de vorm, naar schatting: 18950 bouwer onbekend (naar de vorm te oordelen niet gebouwd door v/d Zee; afmetingen: 51/2 bij 21/2 meter,• zeiloppervlak: 26 m2; ligplaats Jachthaven Jonkman Sassenheim.
Het schip blijkt reeds sedert 1949 in bezit van de heer Kam. Hij noemt als vorige eigenaar Jhr P. Six van Hillegom te Amsterdam (de naam was toen "Radja"). Meer bijzonderheden zijn hem niet bekend.

De tweede brief is van Jan Lunenburg

De inhoud van de tweede brief vormt een bevestiging van en tevens een aanvulling op bovenstaande gegevens. Deze brief is afkomstig van de kunstschilder Jan Lunenburg te Aalsmeer, destijds eigenaar van de tjotter "Doornroosje" (zie hiervoor bij "Nemo"). Bij zijn zwerftochten in de omgeving van Aalsmeer en Amsterdam speurde Lunenburg naar de aanwezigheid in jachthavens van ronde jachten. Hij rapporteerde zijn bevindingen in uitvoerige brieven aan conservator Halbertsma van het Fries Scheepvaart Museum, één van de leden van de Commissie Stamboek Friese Ronde Jachten (voorloopster van de Stichting Stamboek Ronde en Platbodemjachten). In een brief gedateerd 22 december 1955 meldt hij meer dan tien ronde en platbodemschepen te hebben gevonden, waaronder de tjotter "Drie Koningen".
Vermeldenswaard is zijn korte karakterisering van deze tjotter:
Prachtig schip. Lang 4,80M, breed 2,12M. Plusminus 90 jaar. Opgebouwd uit brede gangen. Niet gepiekt. In originele kleuren geschilderd. Zeer fraai snijwerk. Bedelbalk met vlammenspuwende draken.... Lag in reparatie bij Jonkman te Rijpwetering. Is in vaste stalling bij Jonkman te Sassenheim. De ouderdom werd mij opgegeven door de scheepmaker.

J.C. Wilmans wordt eigenaar in 1958

In 1958 ging de "Drie Koningen" over in handen van de heer J.C. Wilmans te Meppel. In dat jaar troffen wij haar aan op de werf van Tjeerd van der Meulen te Joure, waar zij een opknapbeurt kreeg. Het lijkt ons waarschijnlijk dat de toeschrijving aan Lantinga van Van der Meulen afkomstig is. De naam werd veranderd in "Noorderling", het vaargebied werd en is nog steeds het plassengebied in de kop van Overijssel met thuishaven "De Blauwe Hand" aan de Beulakerwiede. Een verdere opknapbeurt is in 1975 uitgevoerd door Piersma in Heeg.
Sedert 1989 verblijft de tjotter bij jachtwerf S. Lok te Zwartsluis, waar zij een grondige restauratie heeft ondergaan. De opmetingen zijn aldaar uitgevoerd door de heer J.K. Kuipers.
In 1994 ging de boot in eigendom over naar de zoon, de heer J.C. Wilmans te Wachtum.

Technische gegevens

Hoofdafmetingen

  • Lengte over de stevens    4,82 m
  • Grootste breedte buitenkant huid    2,13 m
  • Holte op het grootspant    0,86 m
  • Zeiloppervlak: Grootzeil + fok    20,7 m2


Bijzonderheden

  • geen kielbalk
  • licht V-vormige bodem
  • vlaktilling ca. 4°
  • kielgang, brede zandstrook en 2 smalle vulgangen
  • hoekige kim
  • 3 brede huidgangen boven de kim
  • fraai snijwerk op bedelbalk en hennebalk (zie boven)
  • eenvoudig snijwerk op boeisels (niet origineel)
  • breed roer met in de kop snijwerk in de vorm van bloempjes en krullen

Opmerkingen

Hoewel niet zo breed als de fjouwerachten van Van der Zee, is dit toch een imposant stoere tjotter met een mooie ronde kop en een fraai geveegd achterschip. Zoals Lunenburg reeds opmerkte is het snijwerk op de bedelbalk zeer bijzonder; op de boeisels is het van mindere kwaliteit, waarschijnlijk als gevolg van latere restauraties. De bouwwijze is dezelfde als bij de tjotter "nemo" ex  "Anna Frederika". De toeschrijving aan Lantinga lijkt ons niet onaannemelijk. Doordat de geschiedenis van vóór de Tweede Wereldoorlog totaal onbekend is blijft dit toch een speculatie.

2018

24 maart 2018

24 maart 2018: Foto's van de 'Noorderling' gemaakt door Gerard ten Cate

2019

juni 2019

juni 2019: Foto's

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht