Taling

Taling Onder handen

Het botterjacht 'Taling' is gebouwd op de scheepswerf van Janus Kok te Huizen. Kok bouwde vroeger alleen vissersvaartuigen. Zijn werf deelde in de algemene malaise, rondom de Zuiderzee verergerd door de afsluiting; al jaren bestelde geen visserman meer een houten botter. Niettemin nam hij in 1937 een nieuwe werf in een nieuw gegraven haven in Huizen in gebruik. Daar bouwde hij in eerste instantie botterjachten. De rompvorm paste hij een beetje aan: een slag kleiner dan de visserbotters, ten gerieve van de kajuit de mast een fractie voorlijker en ten gerieve van een zelflozende kuip het achterschip iets hoger; per slot hoefden er geen netten binnengehaald te worden. Uit die laatste overweging plaatste hij achter aan beide boorden een zelfde bolder als op het voorschip, in plaats van de losse korvijnagel door de knie voor het achterhuisje. Het werd een hele serie. Helaas is in latere jaren is het archief van Kok door brand verloren gegaan. 

Deze kleine botter heeft Kok in de crisisjaren voor de oorlog voor eigen rekening gebouwd als wegbrenger, om zijn mensen aan het werk te houden. Een wegbrenger ging met de eerste vangst van een aantal botters alvast naar de veiling, terwijl de rest nog een dagje door viste. Hij is uiteindelijk met een roef als jacht verkocht en heeft dus nooit zelf gevist. De eerste eigenaar was Chr. Kok uit Oud Loosdrecht die haar de naam 'Johanna' gaf. De bouwer Janus Kok is in '71 of '72 nog aan boord geweest.
Brandmerk kadaster 10604 B G 2002.

Aan de wal bij Joh. van der meulen in Sneek ter gelegenheid van het 135-jarig bestaan in 2015
Aan de wal bij Joh. van der meulen in Sneek ter gelegenheid van het 135-jarig bestaan in 2015

Eigenschappen

Plaquette nummer:720 Zeil nummer: VB76 / OC14
Categorie:R Tekening nummer:
Type:Botter

Bouw

Bouwjaar:1938 Ontwerper:J. Kok
Werf:J. Kok Werf plaats:Huizen
Motor:Inbouw Motor type:
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:Eikenhout
Materiaal zeil:Dacron
Onderwaterschip:Knikspant Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:10,33 m Breedte berghout:3,36 m
Diepgang:0,75 m Masthoogte water:12,00 m
Oppervlakte grootzeil:30,00 m2 Oppervlakte fok:16,00 m2
Oppervlakte botterfok:23,00 m2 Oppervlakte kluiver:12,00 m2
Oppervlakte totaal:81,00 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1938 – 1939 Chr. Kok, Oud Loosdrecht ( Johanna)
1939 – 1946 N. Pessers, Waalwijk ( Johanna)
1946 – 1964 Chr. Peers de Nieuwburgh en B. de Vinck de Winnezeele ( Sarcelle)
1964 – 1967 C.A. Lijten, Berendrecht ( Taling)
1967 – 1971 K. Abrams, Berchem ( Taling)
1971 – 1994 G.H. Bast, Alblasserdam ( Taling)
1994 – 1997 A. van de Nadort, IJlst ( Taling)
1997 – 2019 G.A. Salverda, IJlst ( Taling)
2019 – Nu (laatst bekend) J. de Jong, Roden ( Taling)

Geschiedenis

1938

november 1938

november 1938: Waterkampioen: Bouw en tewaterlating botterjacht 'Johanna'

1997

1997

1997: Foto's botterjacht 'Taling'

2019

3 augustus 2019

3 augustus 2019: Jurgen de Jong uit Roden koopt het botterjacht en gaat het restaureren

Jurgen de Jong schrijft:
Het schip lag nog bij scheepswerf John van der Meulen in Sneek. Inmiddels heb ik hem op de kant bij de klassieke scheepswerf van Pieter Wijma in de Poffert (Groningen). Deze werf is bijna honderd jaar geleden gesticht door E. Apol uit Appingedam.
De staat van het schip is, wel......... had ik hem niet gekocht dan was hij afgeschreven. Ik ben begonnen met de restauratie, echter dat wordt een jaren project.
Er zit overigens een geschreven boekje bij de botter, welke haar gehele geschiedenis beschrijft. Onder andere dat ze in de oorlog onderwater gelegen heeft, om te voorkomen dat hij meegenomen werd door de Duitsers.

Ze gaat weer op en top worden, de bedoeling is om er t.z.t. op te wonen. Veel ruimte ben ik niet nodig. Het enige dat niet in ere wordt hersteld is het interieur, dit om ruimte redenen. Het interieur was niet compleet authentiek en ook niet netjes aangebracht. Daarnaast kon je er bijkans je kont niet keren, teveel bebouwd. Mijn doelstelling is om het interieur zo open mogelijk te houden, dat je de boot kan zien. De huid, de constructie de structuur zo gezegd. Dus het moet allemaal ook erg netjes gebeuren, geen haast werk en mooi eiken.

Op de werf van Piet Bijma in de Poffert
Op de werf van Piet Bijma in de Poffert

Levensbeschrijving van het botterjacht 'Taling' ('Johanna'), opgesteld door Dr. G.H. Bast in december 1988.

Een stukje uit de Levensbeschrijving:
Kok was een bekende (visser)botterbouwer aan de Zuidwal (Huizen). Zijn werf deelde in de algemene malaise, rondom de Zuiderzee verergerd door de afsluiting; al jaren bestelde geen visserman meer een houten botter. Niettemin had hij de euvele moed in '37 een nieuwe werf in een nieuw gegraven haven in Huizen in gebruik te nemen alwaar hij besloot botterjachten te gaan bouwen. De rompvorm paste hij een beetje aan: een slag kleiner dan de visserbotters, ten gerieve van de kajuit de mast een fractie voorlijker en ten gerieve van een zelflozende kuip het achterschip iets hoger; per slot hoefden er geen netten binnengehaald te worden. Uit die laatste overweging plaatste hij achter aan beide boorden een zelfde bolder als op het voorschip, in plaats van de losse korvijnagel door de knie voor het achterhuisje. In De Zeilsport van van Kampen (2e druk) staat een lijnenplan van een klein exemplaar van het type.
Het werd een hele serie (zie onder) maar de bouwer kon daar helaas weinig gegevens over verschaffen omdat in latere jaren zijn archief door brand verloren ging.
De bouwer schreef mij (in '71) dat hij in de winter '37/38 in aanbouw had de 'Hetty II' en een "gelijkwaardige botter" 'Johanna' (later 'Taling'), de eerst genoemde voor de heer Jelgersma te Wassenaar en de tweede voor de heer Chr. Kok (geen familie) te Oud-Loosdrecht. De schepen werden in juni, resp. juli '38 opgeleverd (volgens overlevering compleet getuigd maar zonder motor voor de prijs van f. 3.750.-).& Hoewel de opgegeven loa maten niet kloppen met die genoemd in De Uitkijk (Waterkampioen 25-2-38), ben ik overtuigd dat de 'Hetty II' de latere 'Vrijheid' is; met de 'Taling' (ex 'Johanna') een perfecte één-eiïge tweeling. Overige mij bekende exemplaren uit de serie zijn: 'De Jonge Jaap', de Bruine Beer, de 'Bruinvisch' (1945), de 'Geertje', de 'Kleine Beer' (1946), de Afke Tjeerdje (1954) en wellicht de 'Schokland' (ca 11.50 m.) Beide laatst genoemden wijken constructief in verschillende opzichten af van de type kenmerken.
Overige mij bekende exemplaren uit de serie zijn: de Jonge Jaap, de Bruine Beer, de Bruinvisch (1945), de Geertje, de Kleine Beer (1946), de Afke Tjeerdje (1954) en wellicht de Schokland (ca 11.50 m.) Beide laatst genoemden wijken constructief in verschillende opzichten af van de type kenmerken.
De constructie van de romp is exact die van de visserbotters, zij het dat uiteraard de bun met deken en dekenpoten ontbreekt. Men moet grote bewondering hebben voor het esthetisch talent waarmee Kok de kajuitlijnen heeft afgekeken van boeiers/Friese jachten en heeft aangepast aan zijn botterzeeg. Maar hoe zo'n kajuit constructief moest had hij uiteraard niet van zijn vader geleerd en daar deugt dan ook geen hout van. De voorzijde van de kajuit zat koud tegen het zeilwerk gespijkerd, de zijden koud tegen de kopse kanten van knieën en gangboordbalkjes.

Het hele verhaal van Jurgen de Jong hebben we opgenomen in onze rubriek "Opgemerkt".

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht