Lemsteraak - Trots der Zuiderzee

De Oorsprong en het vervolg

In 1876 bouwde Pier Klazes de Boer in Lemmer voor het eerst een grote houten visaak voor de Zuiderzee. De visserij begon er net op stoom te komen. Dat er veel ansjovis te vangen was tussen Staveren en Enkhuizen, moesten de Lemsters nog ontdekken. Toen dat gebeurd was, begonnen ze in 1898 Lemsteraken in ijzer te bouwen.

Vandaag de dag varen er grote en kleine Lemsteraken op de Thames, de Middellandse Zee, de Vecht en de Waddenzee. Er zijn zo' n veertig van die prachtige schepen gebouwd voor de visserij en een kleine duizend voor de recreatie. Een vijftigtal daarvan is geschikt voor het wedstrijdzeilen. Echte sportzeilers doen daar fanatiek aan mee. Zij zorgen voor spektakel, met discussies over rating, originaliteit en spelregels.

Over de Lemsteraak, zijn oorsprong en het vervolg valt veel te vertellen. In de recreatievloot varen immers veel bijzondere schepen van dit type. Eigenaren en schippers hebben allemaal hun eigen verhaal. Over ontwerpers en bouwers raak je niet uitgepraat.

Toch moet er eens een punt worden gezet als je een boek wilt uitbrengen. Dat doen de auteurs die de eindredactie vormen van dit prachtige werk, vol schitterende foto's, over een schip dat met recht 'de kampioen der Zuiderzee' wordt genoemd. Toonaangevende ontwerpers geven hun visie, bouwers en eigenaren vertellen hun verhaal. Het laatste woord over Lemsteraken bevat het zeker niet. Maar als naslagwerk is het wel een mooi begin.

'Met een unieke samenwerking tussen drie ontwerpbureaus en het Stamboek Ronde & Platbodemjachten' is dit jaar het hardzeilen tussen Lemsteraken van de ondergang gered: Zo eindigt het boek over dit klassieke schip.

Van visserman tot koningin krijgen zeilliefhebbers een verhoogde hartslag van een fraaie Lemsteraak. Toch was dit scheepstype 100 jaar geleden weinig meer dan een stoere vissersboot, waarmee haring en ansjovis uit de Zuiderzee werden gevist. De eerste ijzeren Lemsteraak werd in 1898 bij Croles in IJlst gebouwd. Toen kwam Jan Janszn Bos in Echtenerbrug, die de snelste visaken bouwde. Bij hem gleden de prijswinnaars LE47 en LE21 van stapel. Vooral de LE47 Poolster van Bauke Kuipers was tot bij Amsterdam beroemd als hardzeiler. Eigenaar was de Lemster visroker Johannes Sterk. Maar Kuipers won er veel wedstrijden mee. En omdat hij niet met zijn vrouw Akke kon opschieten, woonde hij ook op de aak. Deze boot is helaas verdwenen. Hij ligt volgens overgeleverde verhalen onder het zand van een industrieterrein in Volendam.

De auteurs Dirk Huizinga en Klaas Jansma gaan in het boek vrij uitgebreid in op de visserijhistorie. Met mooie houten binnenaken werd op het Friese binnenwater gevist. Op de Zuiderzee voor Overijssel, Gelderland en Holland voeren voornamelijk botters. Maar in de jaren 1880-'85 veranderde de Zuiderzeevisserij ingrijpend door de ontdekking van rijke visgebieden tussen Staveren en Enkhuizen. Daar trokken Lemster vissers naartoe om er met staande netten haring en ansjovis te vangen. Zo werd bij Lemmer de kleine botaak verdrongen door de grote Lemsteraak.

Al heel vroeg werden er ook aangepaste aakachtigen gebouwd voor rijke recreanten. Deze werden aanvankelijk aangeduid als boeier of boeieraak. Later ontstond de aanduiding Lemmer(se) aak voor deze snelle, royaal ingerichte jachten. Deze werden opnieuw ontdekt toen Prinses Beatrix in 1957 De Groene Draeck ten geschenke kreeg.
Er ligt een spanningsveld tussen de liefhebbers van een stoer werkschip en genieters van luxe. Dat trekt zich door tot het hardzeilen in onze tijd. Sinds de jaren 1970 is de sport populair geworden bij een welgesteld publiek. Na de introductie van de reusachtige halfwinderzeilen in 1981 zijn steeds snellere schepen ontworpen, gebouwd en voor hoge bedragen gekocht. Daarbij kwamen 'te snelle' aken op de markt, die de ontwikkeling van een nieuwe rating vroegen. Even dreigde daardoor de akenwereld te ontploffen, maar deze brand werd net op tijd geblust.
Door de financiële crisis van na 2008 kreeg de `akeneconomie' wel een gevoelige tik, die nog steeds merkbaar is en spanning geeft. Maar de Lemsteraken blijven varen en een nieuwe generatie meldt zich aan stuurrad en helmhout.

Over de auteurs

Dirk Huizinga uit Drachten zeilt zelf in een Staverse jol. Hij publiceerde boeken en artikelen over de Zuiderzeevisserij, vissershavens, scheepswerven en bijzondere scheepstypen. Een van zijn laatste boeken had als onderwerp de oude haven van Laaksum, de kleinste zeehaven van Nederland.
Klaas Jansma uit Garyp is bekend als skûtsje verslaggever. Van hem verschenen boeken over diverse cultuurhistorische onderwerpen, waaronder het skûtsjesilen.
Peter Tolsma uit Workum, Voorzitter Criterium Commissie SSRP, heeft ale vele publicaties over Rond en Platbodemjachten op zijn naam staan. Daarnaast heeft hij onder andere meegewerkt aan de totstandkoming van het standaardwerk 'de Boeier'.

Uitgever Penn.nl

Hardcover, royaal formaat, 390 pagina's, rijk geïllustreerd.
Prijs 65 euro.
ISBN 978-90-77948-68-2

Monografieën

De SSRP heeft in het verleden een aantal Monografieën uitgegeven. Een drietal daarvan heeft de Lemsteraak als onderwerp en hebben mede als bron voor het boek gediend.:

Terug naar vorige pagina