Olga - Dorothy - Duyfken - Ascona

Olga - Dorothy - Duyfken - Ascona Verdwenen

De heren Boissevain, van wie Auke van der Zee in 1909 de opdracht kreeg een boeier met een lengte van 52 voet (bijna 15 meter) te bouwen, hadden eerder al een grote boeier genaamd "Olga" in eigen­dom gehad. In de jaren 1907 tot en met 1909 blijkt deze "Olga" eigendom te zijn van H.J. de Lanoy Meijer en A.A.H. Boissevain Ezn te Amsterdam. Mogelijk werd deze "Olga", die overigens nog steeds in de vaart is onder de naam "Ludana", niet representatief genoeg geacht. Hoe dit ook zij, de nieuwe boeier liep op 1 februari 1911 van stapel en kreeg opnieuw de naam "Olga". In die tijd werkte Aukes neef Eeltje Romkema mee op de Jouster werf. Aan hem danken wij een lijnentekening van deze "Olga", alsmede een zeer uitgebreid bestek.

Eigenschappen

Plaquette nummer:9000 Zeil nummer:
Categorie:V Tekening nummer:
Type:Boeier

Bouw

Bouwjaar:1910 Ontwerper:A. van der Zee
Werf:A. van der Zee Werf plaats:Joure
Motor: Motor type:
Materiaal romp:Eikenhout Materiaal kajuit:Eikenhout
Materiaal zeil:Katoen
Onderwaterschip:Gepiekt Kiel:

Afmetingen

Lengte stevens:14,75 m Breedte berghout:4,70 m
Diepgang:0,00 m Masthoogte water:0,00 m
Oppervlakte grootzeil:0,00 m2 Oppervlakte fok:0,00 m2
Oppervlakte botterfok:0,00 m2 Oppervlakte kluiver:0,00 m2
Oppervlakte totaal:0,00 m2 Oppervlakte overig:0,00 m2

Tot nu toe bekende eigenaren en namen van het schip

1910 – 1930 A.A. Boissevain, Amsterdam ( Olga)
1930 – 1940 G. Madlener, Heeg ( Dorothy)
1940 – 1942 R. Dragt, Aalsmeer ( Dorothy)
1942 – 1953 F. Walterscheid, Warschau/Hongkong ( Duyfken)
1953 – onbekend E. Ott, Hongkong/Genua ( Ascona)

Geschiedenis

1909

1909

1909: Bestek Boeier 'Olga' van Auke van der Zee in Joure

De werfboeken van Eeltje Taedzes Holtrop - IJlst, Eeltje Holtrop van der Zee en Auke van der Zee - Joure

De Boeier 'Olga' staat uitgebreid beschreven in de werfboeken van Auke van der Zee in Joure.

1911

1911

1911: Tewaterlating Boeier 'Olga'

1925

1925

1925: De Boeier 'Olga' in het Nederlandsch Jachtregister 1924-1925

In het Nederlandsch Jachtregister 1924-1925 is de informatie van de 'Olga' niet juist weergegeven. De 'Olga' die staat vermeld wordt v.w.b. de eigenaar verward met de eigenaren van de 'Ludana' die in die tijd ook 'Olga' heette en eerder ook eigendom was van de Gebr. Boissevain. De overige informatie is wel juist.

De 'Olga' voor de werf in Heeg in 1929. Dit is nu het woonhuis van Pier Piersma.
De 'Olga' voor de werf in Heeg in 1929. Dit is nu het woonhuis van Pier Piersma.

1930

1930

1930: Boeierkoning Madlener in Heeg eigenaar van de 'Olga' die hij omdoopt tot 'Dorothy'

Godfried Madlener kocht het toen nog min of meer woeste gebied van het eiland in Heeg en vatte het plan op daar een zomerverblijf te stichten. Hier is nu de Jeugdherberg gevestigd. Omstreeks 1930 liet hij er een woning bouwen en een haventje graven. Ook verrees er een groot schiphuis voor de berging van zijn twee boeiers. Godfried Madlener kreeg al gauw de bijnaam Boeierkoning van Heeg. Hij liet de "Olga" grondig opknappen op de werf van Michiel de Jong. Bij de tewaterlating werd zij omgedoopt in "Dorothy", de naam van Madleners Argentijnse vrouw. De 

Boeier 'Dorothy' voor het huis met schiphuis van Madlener in Heeg. We weten dat de 'Olga'-'Dorothy' hier een aantal jaren een ligplaats heeft gehad.
Boeier 'Dorothy' voor het huis met schiphuis van Madlener in Heeg. We weten dat de 'Olga'-'Dorothy' hier een aantal jaren een ligplaats heeft gehad.
Waterkampioen 1930
Waterkampioen 1930

1940

1940

1940: Jachthaven Dragt in Aalsmeer neemt de 'Dorothy' op in haar verhuurvloot

Door de toenemende economische malaise in de dertiger jaren ging de solvabiliteit van de familie Madlener achteruit en stagneerden de bouwplannen. De voorgenomen bouw van een grote villa op het eiland kwam niet verder dan de fundamenten. Ook werd al in 1937 een poging gedaan de grootste boeier te verkopen via een makelaar. In de `Waterkampioen' verscheen een advertentie met de volgende inhoud:

Boeierjacht "Dorothy", mooiste van Nederland, lengte 14,85 m, breed 4,86 m, gros ton 29.21, met volledige uitrusting te koop aangeboden, f 27.500. Aanvragen: Johan van Vloten, Keizersgracht 758, Amsterdam.

Dit bleef zonder resultaat, zoals uit de brief van Van Veen blijkt. Immers, hij vertelt daarin dat kort na de inval van de Duitsers in 1940, op de dinsdag na Pinksteren, 14 mei dus, Hans Madlener met de boeiers is weggetrokken naar Amsterdam en ze in Holland te gelde heeft gemaakt. De koper blijkt uit een mededeling in de rubriek De Uitkijk in de Waterkampioen' van 1941:

Het grote boeierjacht "Dorothy", dat nog door den bekenden boeierbouwer Holtrop van der Zee werd gebouwd, is thans eigendom van de N.V. Jachthaven R. Dragt & Zn. te Aalsmeer, die het schip ... aan haar verhuurvloot heeft toegevoegd. ...

De lotgevallen in de periode tot 1945 zijn enigszins vaag. Wel blijkt, opnieuw uit een bericht in de Waterkampioen, dat de firma Dragt de boeier een jaar later alweer heeft verkocht. 

1955

1955

1955: De Boeier 'Olga' - 'Dorothy' in het Stamboekarchief van de SSRP

1956

1956

1956: Informatie uit de Waterkampioen van 1956

2004

2004

2004: De Boeier 'Olga' - 'Dorothy' in het boek 'de Boeier' van Dr. Ir. J. Vermeer

Dr. Ir. J. Vermeer beschrijft de Boeier uitgebreid in zijn standaardwerk 'De Boeier':
De heren Boissevain, van wie Auke van der Zee in 1909 de opdracht kreeg een boeier met een lengte van 52 voet (bijna 15 meter) te bouwen, hadden eerder al een grote boeier genaamd "Olga" in eigendom gehad. In 1894 was deze voor rekening van Mr N.J.C. Lette van Oostvoorne te Amsterdam onder de naam "Fenna" op de werf van N.A. Bernhard van stapel gelopen. Deze "Fenna" met een lengte van ruim 10 meter blijkt in 1901 verkocht te zijn aan de heer A.A.H. Boon Hartsinck te Baarn op wiens naam het schip als "Olga" voorkomt in de Lijst van Vaartuigen van leden van de KNZRV. In de jaren 1907 tot en met 1909 blijkt deze "Olga" eigendom te zijn van H.J. de Lanoy Meijer en A.A.H. Boissevain Ezn te Amsterdam. Mogelijk werd deze "Olga", die overigens nog steeds in de vaart is onder de naam "Ludana", niet representatief genoeg geacht. Hoe dit zij, de nieuwe boeier liep op 1 februari 1911 van stapel en kreeg opnieuw de naam "Olga". In die tijd werkte Aukes neef Eeltje Romkema mee op de Jouster werf. Aan hem danken wij een lijnentekening van deze "Olga", alsmede het zeer uitgebreid bestek.

Het bestek (volgens werfboek)

In het jaar 1909 een houten boeier gebouwd "Olga" voor de heeren Gebrs Boissevain, Keizersgracht 221 te Amsterdam.
Grootste lengte over stevens 52 voet of 14,72 M Breed binnenwerk tegen de beweigering bij het zeilwerk 4,18 Meter, daar komt voor ieder kant 15 cM bij voor dikte van de beweigering en inhouten, 4 cM de beweigering en 11 cM de inhouten en oplangers, dan is dus de breedte binnenwerks berghouten 4,18 M + 30 cM = 4,48 Meter. De grootste breedte binnenwerks is 4,50 Meter. Hoog vóór onder 't stoothout 2,37 Meter (dit is uit onderkant kiel), hoog achter onder 't stoothout 2,165 Meter.
Hoog bij de voorkant zeilbalk onderkant waring 1,74 Meter, bovenkant zeilbalk 1,835 Meter. Hoogte van de binnenkant kiel tot onderkant waring op achterkant zeilbalk 1,675 cM. Waring ligt 8 1/2 cM schuin en is breed van binnen 75 cM.
Hoogte bij het zeilwerk (achterkant) vanaf onderkant roejbalk tot op 't zaadhout (bovenkant) 1,925 Meter, roefbalkjes 10 cM dik.
Vanaf bovenkant zaadhout tot bovenkant kiel 19 cM.
De roef is breed binnenwerks bij de waterlijst op onderkant rijswaring 2,72 M, boven 2,625 Meter. Op diezelfde plaats is de hoogte vanaf 't zaadhout tot onderkant zeilbalk 1,50 Meter.
Zeilbalk 13 cM dik.
Waterlijst 40 cM in de midden. Roefzijde vóór 34 cM breed binnenwerks.
Hoogte in de kajuit van onderkant balk tot zaadhout 1,915M.
Koker breed bij het zeilwerk 51,5, cM onder op 't zaadhout 48,5 cM, aan de zij 32 1/2 x 31 1/2 cM. Hoog van onderkant legwaring tot op de legger 1,55 m, vanaf de kimmen 1,49 Meter.
Zeilbalk 63 1/2 cM breed.
Onderkant stuurstoelbalk uit de ... 99 1/2 cM. Stuurstoel dik 47 mM (schets van vorm en maten van de stuurstoelbalk). Op 1 Meter uit 't berghout is de hoogte van onderkant balk tot op de legger 67 1/2 cM.
Hoogte bij de achterkant van het schijnlicht vanaf het zaadhout tot onderkant balk 1,96 Meter. Schijnlicht groot binnenwerks 75 x 51 cM. Ruimte tusschen de banken i/d stuurstoel 1,70 Meter.
Lengte van de achterkant waterlijst tot het eind van de legwaring en rijswaring 8,12 Meter. Stuurstoel 2,43 Meter
Lengte van binnenkant achterschot kajuit tot binnekant waterlijst 5,64 Meter. Wijdte bij het achterschot van de kajuit tegen de beweigering 3,94 M. Dat is op de sponningsbalk langs gemeten, er komt voor ieder kantweer 4 cM dik de beweigering en 11 cM 't inhout dat is 15 cM bij, dat is dus 3,94 M + 0,30 M is 4,24 M, dat is de breedte daar binnenk berghouts.
Hoogte van de roef achter bij de stuurstoel vanaf de bovenkant roejbalk tot op het zaadhout 2,35 Meter, balk is 10 cM dik legger en zaadhout 20 cM, zaadhout 6 1/2 cM.
Hoogte vanaf de stuurstoel tot bovenkant balk 1,425M. Aan de zijde van de roef hoog de bovenkant balk uit de stuurstoel 1,18 M (schetsje van de welving v/h roefdak: 24 1/2 cM). De roef breed achter binnenwerks 2,24 Meter. Roefzijde achter hoog 62 1/2 cM. Onder op de waring binnenwerks 2,48 Meter.
Rijswaring 57 mM dik. Berghout binnenwerks 211/2 cM breed.
Scheergangen bij 't zeilwerk 37 cM breed, achter bij de roef 30 cM. Scheergang valt bij 't zeilwerk 12 cM in.

Historie

Uit de eerste jaren na de bouw weten we zeer weinig. Of de "Olga" ooit aan zeilwedstrijden heeft meegedaan hebben we niet kunnen achterhalen, mogelijk door lacunes in de jaargangen van bewaard gebleven deelnemerslijsten van de KNZRV. In het Nederlandsch Jachtregister van ANWB en KVNWV van 1924-25 komt de "Olga" nog voor op naam van A.A. Boissevain te Amsterdam; de afmetingen staan vermeld als 14,86 bij 4,70 meter, het registratienummer is 15 OA, de wedstrijdmaat WM 13,2. In die dagen werd er echter al niet meer mee gezeild, want toen in 1930 de "Olga" werd verkocht aan Godfried Madlener, had zij al bijna tien jaar ongebruikt gelegen, slechts afgedekt door een tent. Wat deze Madlener betreft, de hier weergegeven bijzonderheden zijn ontleend aan twee bronnen, het boek "Heech en de Hegemers", en aan een brief die wij vonden in het nagelaten archief van H.G. van Slooten. De schrijver van deze brief, J. van Veen, was als varensgezel in dienst geweest van de Hegemer palinghandel W. en A. Visser Zoonen en had later als schipper onder meer gevaren op de boeier "Albatros" van Bokma. Aan deze brief uit 1952 aan R. Buisman in Zwartsluis, destijds eigenaar van het Jouster jacht "Frisia", is het volgende mede ontleend. Godfried Madlener, woonachtig in Buenos Aires, was eigenaar van een oliemaatschappij in Argentinië en had met zijn familie eind jaren twintig het ideale zeilgebied van Heegermeer en Fluessen ontdekt. Hij kocht het toen nog min of meer woeste gebied van het eiland en vatte het plan op daar een zomerverblijf te stichten. Omstreeks 1930 liet hij er een woning bouwen en een haventje graven. Ook verrees er een groot schiphuis voor de berging van zijn twee boeiers. Toen Madlener de boeier "Olga" van Boissevain overnam, bezat hij namelijk reeds een boeier met een lengte van ruim 8 meter genaamd "Alice". Madleners broer Hans, kunstschilder van beroep, werd als beheerder van het verblijf aangesteld.
Godfried Madlener kreeg algauw de bijnaam Boeierkoning van Heeg. Hij liet de "Olga" grondig opknappen op de werf van Michiel de Jong. Bij de tewaterlating werd zij omgedoopt in "Dorothy", de naam van Madleners Argentijnse vrouw. De andere boeier "Alice" beviel blijkbaar niet en werd niet waard bevonden om nog hersteld te worden. Zij werd niet gesloopt maar waarschijnlijk verkocht, want na de oorlog dook zij weer op. In plaats daarvan kreeg Michiel de Jong de in die dagen zeer welkome opdracht een nieuwe boeier te bouwen. Deze kreeg de naam "Ibbe". Een foto van de tewaterlating werd gepubliceerd in de Waterkampioen '50.
Door de toenemende economische malaise in de dertiger jaren ging de solvabiliteit van de familie Madlener achteruit en stagneerden de bouwplannen. De voorgenomen bouw van een grote villa op het eiland kwam niet verder dan de fundamenten. Ook werd al in 1937 een poging gedaan de grootste boeier te verkopen via een makelaar. In de Waterkampioen' verscheen een advertentie met de volgende inhoud: Boeierjacht 'Dorothy", mooiste van Nederland, lengte 14,85 m, breed 4,86 m, gros ton 29.21, met volledige uitrusting te koop aangeboden, FL. 27.500. Aanvragen: Johan van Vloten, Keizersgracht 758, Amsterdam. Dit bleef zonder resultaat, zoals uit de brief van Van Veen blijkt.49 Immers, hij vertelt daarin dat kort na de inval van de Duitsers in 1940, op de dinsdag na Pinksteren, 14 mei dus, Hans Madlener met de boeiers is weggetrokken naar Amsterdam en ze in Holland te gelde heeft gemaakt. De koper blijkt uit een mededeling in de rubriek De Uitkijk in de 'Waterkampioen' van 1941: Het grote boeier jacht "Dorothy", dat nog door den bekenden boeierbouwer Holtrop van der Zee werd gebouwd, is thans eigendom van de N.V. Jachthaven R. Dragt & Zn. te Aalsmeer, die het schip ... aan haar verhuurvloot heeft toegevoegd. ... De lotgevallen in de periode tot 1945 zijn enigszins vaag. Wel blijkt, opnieuw uit een bericht in de Waterkampioen '53, dat de firma Dragt de boeier een jaar later alweer heeft verkocht.

Na de oorlog restauratie op de werf 't Fort van De Vries Lentsch in Nieuwendam

Van Veen weet nog te melden dat de "Olga" na de oorlog geheel gerestaureerd werd op de werf 't Fort van De Vries Lentsch in Nieuwendam. Dit is gebeurd, zoals de heer Rodenhuis te Eindhoven aan Van Waning schreef in opdracht van de heer F. Walterscheid, directeur van achtereenvolgens verschillende Philips-organisaties in het buitenland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij in Warschau algemeen directeur van Philips Polen; de leiding van dit bedrijf steunde in het geheim het verzet tegen de Duitsers. Volgens Huitema heeft de "Olga" de heer Walterscheid als onderduikadres gediend. Geen wonder dat hij daarom bijzonder aan het schip was gehecht. Toen hij in 1947 naar Hongkong vertrok, liet hij de boeier, inmiddels "Duyfken" gedoopt, dan ook daarheen bevrachten. Na zijn overlijden aldaar enkele jaren later, kwam de boeier in handen van de heer Eduard Ott, een Zwitser, die een grote importfirma in Hongkong had en het jacht eigenlijk niet voor eigen genoegen hield, maar om er zijn klanten entertainment op aan te bieden. Er werkte een Chinese schipper op. Twee jaar later, in 1955, meldde de reeds genoemde Rodenhuis aan de hoofdredacteur van de Waterkampioen '56 dat hij uit het Verre Oosten bericht had ontvangen dat de boeier "Duyfken" naar Europa was ingescheept, vermoedelijk naar Genua. Dit werd bevestigd door een mededeling van H.J. Gompen te Waalwijk in de Waterkampioen '57 , die een foto instuurde van de boeier gelegen in een jachthaven te Genua; de Zwitserse eigenaar had hem de naam "Ascona" gegeven. Nog twee andere foto's uit dit blad geven een indruk van dit prachtige schip, waarvan we helaas niet weten of het nog bestaat en zo ja, waar dan wel.

Technische gegevens (volgens de tekeningen van E. Romkema)

Hoofdafmetingen

  • Lengte over de stevens    14,75 m
  • Grootste breedte over de berghouten    4,60 m
  • Holte op het grootspant    1,85 m
  • Zeiloppervlak: Grootzeil + stagfok
  • Kluiver, resp. halfwinder

Bijzonderheden

  • kielbalk hoog
  • gepiekte bodem
  • vlaktilling op het grootspant 6,5°
     

2014

12 februari 2014

12 februari 2014: De 'Olga' varend voor een Hooiberg in de Leeuwarder Courant

Het artikel in de Leeuwarder Courant had als onderwerp: Zoeken naar kennis over Friese hooiberg. De foto (Fries Scheepvaart Museum) die het artikel illustreerde, toonde nadrukkelijke een Friese Boeier. Wij herkenden de Boeier 'Dorothy', als het schip van de boeierkoning Madlener uit Heeg. De fotograaf heeft de Boeier samen met een hooiberg in één beeld gevangen.

De foto van het Fries Scheepvaart Museum in de Leeuwarder Courant met duidelijk herkenbaar de Boeier 'Dorothy'
De foto van het Fries Scheepvaart Museum in de Leeuwarder Courant met duidelijk herkenbaar de Boeier 'Dorothy'

april 2014

april 2014: Reactie/Vraag van Hans Dragt via e-mail

Op 15 april vraagt Hans Dragt het volgende:

We are looking for information regarding the whereabouts of the Jouster Boeier named 'Dorothy' later 'Duyfken' build by Eeltje Holtrop v/d Zee in 1911 in Joure voor rekening of Mr A.A. Boissevain in Amsterdam and owned in the early 1940 by my dad Jochem Dragt in Aalsmeer. I would realy appriciate if you could give me some information, as I also used to sail in this Yacht at that time.
E-mail hans.inekedragt@xtra.co.nz.

Op 22 april volgt de volgende reactie na de verwijzing naar de informatie op deze pagina

Hartelijk dank voor al de informatie over deze mooie boeier die ooit in het bezit was van onze familie. De foto's die hier bij ingesloten zijn, zijn genomen op een familiebijeenkomst van mijn broer Jochem en zijn vrouw Cornelia en mijn oudste zuster Sientje tijdens een bezoek aan Enkhuizen. De Schipper heette Lambertus, ben zijn achternaam vergeten. Deze schipper werkte parttime voor de familie tijdens charters voor jachthaven Dragt. Hij was ook schipper op het koninklijke Motorjacht Piet Hein.
Aangezien de 'Dorothy' geen motor had, was het soms moeilijk om vanuit de haven van Enkhuizen naar buiten te komen. Ook deze keer hebben we assistentie gekregen van 2 vissersschepen om het schip deze keer naar buiten te krijgen. Helaas zijn er geen foto's van het schip in Aalsmeer, maar deze foto's in Enkhuizen zijn toch ook prachtig om te zien.
Hartelijk dank voor al deze informatie, die wij kunnen doorgeven aan de jongere generatie in onze familie. Het is weer een schakel in de keten in de historie van de Nederlandse jachtbouwers en voor velen die in boeiers (dit is de naam die ook gegeven werd aan mensen in Aalsmeer, die iets met de watersport te maken hadden)geïnteresseerd zijn.

Groet Hans Dragt

We zijn zeer geïnteresseerd in uw opmerkingen en/of vragen over dit schip. Stuur ze ons!

Terug naar het overzicht